Artikels
Over 'Terug naar Walden' van Walter Van den Broeck
datum 10.12.2009
Lang kan Walter van den Broeck niet gewacht hebben om met het schrijven van zijn Terug naar Walden aan te vatten. Een dik jaar nadat de financiële en economische crisis losbrak, ligt zijn literaire verwerking ervan al netjes gedrukt, gebonden en verkoopsklaar in de boekhandels. Men moet het ijzer smeden wanneer het heet is. Een zeer vermakelijke en venijnige roman is het geworden, een slinkse afrekening met de hebzucht en hubris van de bankier en een felle kritiek op het ongebreidelde kapitalisme. Maar overtuigt het ook? Is het reilen en zeilen van de wereldeconomie niet een wat droog, in de ogen van velen zelfs saai onderwerp voor de literatuur?
Over 'Doodverf' van A.F.Th
datum 27.09.2009
Acht romans, waarvan een proloog, vier volwaardige episodes (een ervan in twee delen), een apocrief gepubliceerd fragment en een intermezzo. Zo ver staat A. F. Th. van der Heijden reeds met zijn cyclus De tandeloze tijd, maar een vijfde episode alsook een epiloog staan nog in de steigers. De veelgerespecteerde en alom geroemde auteur staat er echter om bekend zijn cycli – naast De tandeloze tijd is er ook Homo duplex, waarvan reeds vier delen in de rekken van de betere boekhandel – niet op voorhand uitvoerig te plannen; hij volgt waar het verhaal hem mee naartoe neemt. Stof die oorspronkelijk slechts een hoofdstuk in beslag zou nemen, groeit zo plots uit tot een uitvoerige roman, en Van der Heijden laat het graag gebeuren. Het is een continu proces van voornemens aanpassen en plannen bijstellen, en Doodverf is daar een uitgelezen voorbeeld van. De roman is geen poging om De tandeloze tijd verder te zetten, maar wel om hem deels te herzien. Uit de cyclus lichtte A. F. Th. namelijk de verhaallijn over de zogenaamde Gipsmoord, knipte deze in stukken uiteen, hermonteerde en vulde hem aan tot hij een roman bekwam die minder wijdlopig is dan Het Hof van Barmhartigheid en Onder het plaveisel het moeras – de boeken waarin de verhaallijn voor het eerst aan bod kwam – net doordat het zich tot de Gipsmoord beperkt, en er daardoor tegelijk veel uitvoeriger op kan ingaan. Het maakt van Doodverf op zijn minst een hoogst fascinerende roman.
Over 'Don Juan de la Mancha' van Robert Menasse
datum 20.04.2009
Een goede titel vat niet enkel een boek in enkele woorden samen; hij is meteen ook een richtlijn voor hoe dat boek geïnterpreteerd kan, dan wel moet worden. Don Juan de la Mancha, een roman uit 2007 van de veelbekroonde Duitse auteur Robert Menasse en onlangs uitgegeven bij De Arbeiderspers, heeft zo’n titel. Nathan, het hoofdpersonage, kan inderdaad als elke doorwinterde don juan een indrukwekkende lijst met liefdesveroveringen voorleggen. Maar of hij als verleider nu werkelijk zo succesvol is? Vandaar ook de verwijzing naar het Spaanse La Mancha, een streek in Centraal-Spanje, ten zuiden van Madrid. Dit is niet de regio waar het verhaal zich afspeelt – dat is hoofdzakelijk Duitsland - wél een verwijzing naar Don Quijote de la Mancha, het magnum opus van de Spaanse auteur Miguel de Cervantes. Deze vroeg-zeventiende-eeuwse roman beschrijft de avonturen van Don Quijote, een goedbedoelende idealist die door het lezen van te veel ridderromans de greep op de werkelijkheid kwijtraakt, en die gelooft in de fictie die in deze middeleeuwse vertelsels te vinden is. Deze dwaze held heeft veel met Nathan gemeen: hij liet zich namelijk tijdens zijn studentenjaren door de ideeën van de seksuele revolutie bekoren, maar na een dikke twintig jaar vallen ook hem de schellen van de ogen. Wat overblijft, is een gebroken man.