Tuymans en De Keyser (en dit wordt teveel herhaald) behoren tot de belangrijkste exponenten van het 'réveil van de schilderkunst'. Een réveil, trendgevoelig, gestuurd vanuit markteconomische belangen en beheerd door de macht van curator en criticus. Schilderkunst heeft geen réveil nodig, ze krijgt gewoon opnieuw weer aandacht vanuit de daarnet vernoemde instanties. Tuymans heeft dit systeem prachtig doorgrond en blijkt mits enig inzicht internationaal aan een gestage opmars bezig.
Luc Tuymans verwerkt in zijn ‘immateriële beelden’ in hoofdzaak grote thema’s, waar Raoul De Keyser vooral tot een abstractie van de anecdotiek uit de eigen leefwereld komt. Thematisch liggen beiden dus mijlenver uit elkaar, maar op het vormelijke vlak zijn het quasi bloedverwanten, niet dat het moeilijk is om beide oeuvres uit elkaar te houden.
De Keyser put dus uit de onmiddellijke leefwereld, Tuymans zoekt het eerder in een bredere context, die van andere media, met de fotografie en film in de hoofdrol. De achterliggende motivatie is het geloof dat alles al bestaat, en bijgevolg moeilijk bijgehaald kan worden. De vaalheid van elementen in zijn oeuvre zijn duidelijk reminiscenties aan vergane, verkleurde foto’s. Die roepen onvermijdelijk een soort rust op, ontstaan uit de vaalheid van het gegevene, het steeds verder terugdringen van de behandelde thema’s in de geschiedenis. Dit proces resulteert echter niet in de totale verdringing van elementen zoals de eigen Belgische en Vlaamse geschiedenis of het nationaal-socialisme tijdens de jaren 30-40 in Duitsland, de beelden suggereren ‘… een stilte voor de storm.’ De controverse over de behandelde thema’s is sowieso op een bepaalde manier brandend actueel. De kunstenaar eist echter geen moralizerende rol op, de afstand blijft behouden, en dit resulteert bijgevolg niet in spektakelstukjes.
Het oeuvre van Tuymans wordt soms wel eens onartistiek beschouwd omwille van de afwezigheid van virtuositeit en academisme. Onartistiek? Toch niet. Tuymans heeft de door hem gehanteerde beeldtaal al enkele jaren tot een effectieve stijl ontwikkeld. Het vele werken in het spoor van … , bij jongere beeldende kunstenaars, duidt dat. Bovendien is métier doorheen het modernisme al lang verwaterd als criterium voor het artistieke.
Tuymans is ook actief op het vlak van theorie, en niet zelden dient de theorie het eigen werk. Tuymans mag dan al het idee boven het beeld stellen, de bewondering bij het bredere publiek is er helaas door de frêle, innemende beeldtaal. En hier maakt de tentoonstellingsmaker misschien wel een fout, in de verwoede pogingen om de confrontatie aan te gaan met het oeuvre van Tuymans, wordt het woord, de idee over het hoofd gezien en krijgt de vorm de bovenhand. Waarom moeten de eerste stukjes tekst (de titel!) die je en passant te lezen krijgt nu zo nodig helemaal links van een hele rij doeken op de muur aangebracht worden? In de veronderstelling dat Tuymans hier belang aan hecht, lijkt me dit een misstap.
De Keyser’s abstracte beeldtaal is er niet altijd geweest, oorspronkelijk drukte o.a. Pop art een stempel op zijn werk. Zoals al gesteld schuilt de kracht van zijn oeuvre niet in de behandelde thema’s, maar in hoofdzaak in de ver-beelding van de eigen anecdotische werkelijkheid binnen een abstracte beeldtaal. Ondanks het feit dat bij de benadering van het oeuvre van Tuymans enige voorkennis (collectief geheugen) verondersteld wordt, zijn de werken van De Keyzer hermetischer, bijgevolg dient de kijker zich te bedienen van een zintuiglijke fixatie op het vormelijke, en de noodzaak om tot de decodering van de aanwezige thematiek te komen vervalt grotendeels. De wijze waarop, doorheen de emoties van de kunstenaar, vorm en kleur het doek vullen, speelt een hoofdrol. De compositie primeert, maar laat de aanwezige ruimte open. Ze is niet allesoverheersend, zo wordt wat ogenschijnlijk een stabiele constructie is, bij momenten heel beweeglijk.
Tuymans-De Keyser is een must. Al was het maar om het aantal tentoongestelde werken, waarvan een aantal al zelf een deel van ons collectief geheugen zijn gaan uitmaken.
www.smak.be






