Small hands (out of the lie of no) is een duet geschreven door A.T. De Keersmaeker. Een duet voor haar en Cynthia Loemij. Er wordt met andere woorden gewerkt op kleine schaal, wat duidelijk in de verf wordt gezet door het ruimtegebruik. Het publiek wordt namelijk niet geacht in de zaal te zitten, maar mag - en moet zelfs - plaats nemen op het podium zelf. Daar bevindt zich een ovaalvormige arena waardoor de toeschouwers meer bij de voorstelling betrokken worden. De afstand tussen de danseressen en het publiek wordt op zeer geslaagde wijze verkleind, al voelden enkelen zich toch ietwat bedreigd en ongemakkelijk door de indringende blik van A.T. De Keersmaeker.
Wat vooral in het oog springt tijdens de voorstelling zelf, is het feit dat er wordt geëxperimenteerd met vele tegenstellingen, zoals muziek en stilte, ver en dichtbij, vloeiend en bruusk, licht en donker. Muziek door Henry Purcell wordt afgewisseld met de ademhaling van beide performers, de danseressen dansen soms naar elkaar toe, maar dansen soms ook van elkaar weg, idem ten opzichte van het publiek. Deze en andere contrasten maken het voor de toeschouwers nog boeiender dan het al was.
Het dansstuk brengt de kijkers werkelijk in vervoering door onder meer de lichtvoetigheid, de intimiteit en de speelsheid. Men bestempelt de voorstelling terecht als zijnde een meesterwerk!






