Wel, het antwoord bleek geen van beide te zijn, maar wel een boeiende symbiose van twee unieke stijlen die, zoals nu blijkt, nooit erg ver van elkaar hebben gelegen.
Heaven is zoals al gezegd het laatste scenario van de hand van de Poolse meester Kieslowski, die schielijk kwam te overlijden in 1996, twee jaar nadat hij aangekondigd had te willen stoppen met films maken, omdat hij naar eigen zeggen alles uit film gehaald had wat er volgens hem in zat, en daar had hij een punt, zijn bekendste werken, de tien uur durende tv-serie Dekalog (1988), La Double Vie de Véronique (1991) en de Trois Couleurs-trilogie (1993-1994) bieden de kijker een schat aan visuele vondsten en het soort van filmische metaforen die iedereen kan begrijpen of aanvoelen, en de talloze roerende details die perfect aangeven wat zijn personages voelen en denken. In Kieslowski’s films staan de personages er vaak compleet alleen voor en moeten ze opboksen tegen een kille, onbegrijpende wereld en de oncontroleerbare werking van het toeval. Persoonlijk heb ik zelden een filmmaker gekend die zulke diep menselijke films wist te maken.
Maar, helaas o helaas, de goede man is er niet meer, maar hij liet nog wel 1 scenario achter, oorspronkelijk bedoeld als het eerste deel van een nieuwe trilogie (Heaven, Purgatory en Hell), zoals al zijn vorige films samen geschreven met Krzysztof Piesiewicz (voor het gemak uit te spreken als ‘pizzewis’). Via heel veel omwegen, veel te veel om op te sommen, kwam het scenario terecht bij Tom Tykwer, die eerder al zijn grote potentieel bewees met even arthouse als algemeen toegankelijk zijnde films als Winterschläfer, Lola Rennt en Der Krieger und die Kaiserin. En god zij geprezen dat hij Heaven mocht verfilmen want weinigen zullen het zo getrouw hebben gedaan als hij, en god zij nog meer geprezen dat die film niet in Amerika is blijven hangen, waar mensen als Syndey Pollack en Anthony Minghella aanvankelijk erover nadachten om er hun handen aan vuil te maken, gelukkig kwamen ze net op tijd tot het inzicht dat een dergelijk, redelijk zwaarwichtig scenario absoluut de gevoeligheid van een Europees cineast nodig heeft om nog eniszins geloofwaardig over te komen.
In Heaven zien we het verhaal van de jonge, Britse lerares Philippa (Cate Blanchett) die al zeer lang in Turijn woont en besluit een grote drugsdealer, die verschillende van haar heel jonge leerlingen de dood injoeg, te vermoorden door een bom te plaatsen in zijn kantoor. Maar, door een zeer ongelukkig toeval, of het lot, worden vier onschuldige mensen gedood, en de dealer overleeft. Philippa belt zelf de politie op om te zeggen dat ze het gedaan heeft, omdat ze niet anders meer kon, na jarenlang diezelfde politiemensen getipt te hebben zonder dat zij zelf er iets aan deden. Philippa wordt gearresteerd en het onderzoek begint, meteen langs alle kanten gesaboteerd door mensen met lange armen, waaronder de zeer invloedrijke drugsdealer zelf. De jonge tolk Filippo (Giovanni Ribisi), die Philippa’s verklaring vertaald, wordt onmiddellijk verliefd op deze hulpeloze doch kranige vrouw en helpt haar te ontsnappen, enkel om de drugsdealer alsnog te vermoorden. Daarna wil Philippa zichzelf weer aangeven, omdat ze hoedanook wil boeten voor de dood van vier onschuldige mensen, maar de intussen smoorverliefde Filippo overtuigt haar om samen met hem naar de plek te vluchten waar ze opgroeide, het fabelachtig mooie platteland van Toscanië, een ontsnapping die van in het begin gedoemd is om te mislukken. Philippa wacht er op het einde, en samen met Filippo zal ze uiteindelijk de wereld ontvluchten door bijna letterlijk ten hemel te stijgen.
Serieuze kost dus, maar gelukkig verteerbaar gemaakt door Tykwer’s herkenbare, aangename stijl, die hij voor het eerst voldoende in toom weet te houden, geen wild zwiepende, duizelingwekkend ingewikkelde camerabewegingen op pompende muziek zoals in het erg MTVeske Lola Rennt, maar eerder de zacht vloeiende bewegingen op de etherische muziek van Arvo Pärt, zoals in Winterschläfer, erg ingetogen, en vaak afgewisseld met adembenemende panoramische helicopterbeelden, eerst van het doolhofachtige Turijn, later van het prachtig golvende platteland van Toscanië, dat plots veel weg heeft van het echte paradijs op aarde, waar de twee geliefden hun ontsnapping vinden.
Tykwer levert dus goed werk, hij voelt goed aan wat Kieslowski met Heaven bedoelde, het verhaal ligt dan ook in de lijn van zijn laatste drie films, waar we steeds te maken kregen met een twee vluchtende geliefden, wiens vlucht en liefde van in het begin duidelijk gedoemd zijn om te mislukken. Tykwer voegt ook zelf van die mooie details toe die wel uit het brein van de Pool lijken te komen, zoals wanneer Philippa, als ze haar appartement verlaat om de aanslag te plegen, nog eventjes met haar hand over de deurlijst strijkt, als een vorm van bijgeloof. De daaropvolgende scène, de aanslag en hoe die vreselijk misloopt, is een meesterlijk stukje cinema, even koel als ijzingwekkend, een ware krachttoer van Tykwer.
Maar (jaja, er is ook een maar), de film blijft het hoge niveau van het eerste kwartier helaas niet helemaal volhouden, het onderzoek sleept wat te lang aan, Philippa en Filippo groeien te snel naar elkaar toe om geloofwaardig over te komen, en de film vraagt soms iets te nadrukkelijk om erg serieus genomen te worden.
Maar (ook hier gelukkig weer een maar na de maar), het slot maakt veel goed, als de twee geliefden hun - originele - ontsnapping naar de Hemel plegen. Een klein pareltje van een film.






