Meest recente artikels:
Summerschool Kunstkritiek
Summerschool Schrijverspodium
Summerschool Schrijverspodium
Summerschool Schrijverspodium
Review Dit is mijn vader
Meer artikels van Els Van Steenberghe:
“Balmoral”, coördinatie: de Kopergietery, regie: de Kinderrechtenorganisatie…
Over uitgeslapen multimediale theatervoorstellingen
Pascale Platel verovert de grote Theaterfestivalprijs
THEATERFESTIVAL 2002 - DE PASSIONELE WIL VAN HET SYNDICAAT
datum 03.09.2002
rubriek Podium
Alles overvalt het publiek. Men wordt gedwongen ogenblikkelijk in een eigenaardige wereld binnen te stappen. Geheel in dezelfde stijl, volgde dit gesprek de “overrompelstrategie”. Regisseuse Daniëlle Wagenaar werd met tien statements bekogeld. Soepel kaatste de moeder van Het Syndicaat tien antwoorden terug die haar portretteren als een dynamische, gevoelige theatermaakster. Laat u overvallen door haar integere woordenregen.
1. ALLES OF NIETS

“Alles” slaat als creatietitel op één van de drie aliens die constant succes nastreeft. Alles willen, alles kunnen, alles bereiken, is echter niet alleen het streefdoel van die ene alien. Het is zowat de ziekte van onze samenleving om aan die utopische vraatzucht toe te geven. Terwijl het niet kan. Je kan alles wel willen maar je kan nooit alles waarmaken, aldus Wagenaar.

De tegenstelling alles en niets vindt ze daarom een mooie, kwetsbare tegenstelling. Deze contradictie overkoepelt een tezelfdertijd aanlokkelijk en onbereikbaar gebied waar de regisseuse, net als zovele andere mensen, zich steeds tot aangetrokken voelt. Ze wil alles kunnen, ze wil alles zo graag doen.

2. HET SYNDICAAT VOLGENS WAGENAAR

Die enorme wilskracht kan trouwens als het cement van hun driemanschap bestempeld worden. Samen met Niek van der Horst en Herman van Baar richtte ze Het Syndicaat op. Het gezelschap wordt, naar eigen zeggen, voortgestuwd door een ontzettende wil, een goesting, een zinderende energie om alles te verwezenlijken wat ze dolgraag willen.

3. VURIGE JEUGD, VURIG THEATER

Het is in en door die energie dat Wagenaar zich met een publiek vanaf veertien jaar en ouder verbonden voelt. In jonge mensen herkent Wagenaar nog een emotionele openheid die volwassenen onvermijdelijk kwijt zijn gespeeld. De jonge garde is volop op zoek naar hun plaats in de wereld, starten net met nadenken over het leven en bezitten hierdoor vaak een onverschrokken idealisme. Bovendien vertoeven ze graag in het vrolijk middelpunt van het leven, beschikken over een eigengereid wereldbeeld dat je daarom als theatermaker of volwassene nog niet hoeft te bevestigen.

Maakt ze dan theater uit een verlangen of heimwee naar die prille jeugd? Niet echt. Ze houdt vooral van de energie die jonge mensen uitstralen. Theater stamt noodzakelijk vanuit een soortgelijke energie. Theater maken gaat over een energiek en alert in de wereld staan. Wagenaar pleit vurig voor toneel dat over het leven gaat, over echte mensen. Hierbij is die gloeiende energie een prachtige drijfveer en hulp.

4. RECHT-VOOR-DE-RAAP-TAAL

Die energie ketst ook af van de gebalde, ongezouten taal. Eenvoudigweg de gemeenschappelijke taal van Esther Gerritsen en Daniëlle Wagenaar. Die taal is geen kunstmatige poging om de jongeren aan te spreken maar een persoonlijke voorkeur. Het leven is al ingewikkeld genoeg, daarom moet de taal niet ook nog eens complex zijn, klinkt het vastberaden. Esther Gerritsens taal en persoonlijke opvattingen sluiten zo volledig bij Wagenaars (levens)visie aan dat de schrijfster, voor het eerst, volledige carte blanche kreeg van Wagenaar. Daaruit groeide Alles.

5. LEVENSLIJNEN

Ook de strakke scenografie ontstond deels autonoom en deels in samenspraak met de regisseuse. De opmerkelijke ruimte-indeling verbeeldt Wagenaars ijveren naar orde in de (maatschappelijke) chaos, symmetrie in het leven. Geprikkeld door deze gesprekken construeerde de vormgeefster Daniëlle Schilling, tijdens het repetitieproces, een decor dat geïnspireerd is op de ondoorgrondelijke achterkant van een computer. Maar het decor kan evengoed als een verzameling van levenslijnen geïnterpreteerd worden, beaamt Wagenaar. Daarnaast herinnert de kronkelend lineaire opstelling van de gangetjes aan de drieste, ellenlange kantoorgebouwen en hun gangen.
br> 6. HET MENSELIJK LABO

Het decor abstraheert eveneens de stereotiepe kantoorruimte. Zoals Wagenaard haast rilt van muffe kantoren en hun regels, zo worden pubers door een afkeer overvallen wanneer ze zich moeten aanpassen aan de conventies van de middelbare school. Net op het moment dat ze geconfronteerd worden met een veranderend lichaam, een ontwikkelende persoonlijkheid.

7. “IEDEREEN IS E.T.” (Julia Kristeva, “Liefdesgeschiedenis”)

Want daar gaat Alles ook over. De aliens willen mens worden maar moeten vaststellen dat de mensen zelf niet weten wat mens zijn is. Iedereen doet zijn best om zijn leven te leven, iedereen moet zich aanpassen, koestert verwachtingen, moet een positie in de maatschappij veroveren. De voorstelling toont hoe je als mens terechtkomt en blijft rond ploeteren op deze eigenaardige planeet, hoe men zo goed en zo kwaad als de hele heksenketel dit toelaat, probeert te functioneren.

8. DE MEETKUNDE VAN GEVOELENS

Enige ordening in die chaos aanbrengen, is dan ook zeer welkom. Met theater tracht Wagenaar wat orde in haar persoonlijke (gevoelens)chaos te brengen. Zo probeert ze greep te krijgen op een klein aspect van haar leven om dan weer verder te gaan, verder die vreemde planeet te verkennen.

9. HIPPE MUZAK

Ook de muziek ademt die vreemde planeetsfeer uit. Samen met Ivar van Urk besloot ze om de muziek een buitenaards, planeetachtig cachet mee te geven. De muziek mocht niet naar de achtergrond verdwijnen maar moest aanwezig blijven, zoals kantoormuziek dat blijft. Op die blije maar holle tonen wagen de aliens soms enkele stugge danspassen waardoor ze hun onzekerheid als mens op aarde onderstrepen. Tegelijk grappig en schrijnend, op het randje tussen sarcasme en satire balancerend, toont Wagenaar de nooit afgeronde persoonlijke zoektocht van een mens op aarde.

10. BLIJVEN ZOEKEN

Ook artistiek blijft ze verder zoeken. In haar toekomstige voorstellingen wil ze, naast de geliefde ordening, meer ruimte creëren voor emotie. Vanuit een meer emotioneel statement een even sterke stelling over de hedendaagse wereld innemen. Hiermee tekent Het Syndicaat alvast voor een verrassende en spannende toekomst.


Alvorens de stap naar de toekomst te zetten, nodigt ze u uit voor een pittig reisje naar planeet Alles. U komt er alles te weten over alles. En toch weer niet. Daarom blijft een mens zoeken, daarom doet deze relativerende theaterproductie zo een deugd.


(Deze tekst werd geschreven na een telefonisch gesprek met Daniëlle Wagenaar op donderdag 28 augustus 2002.)
Reageer
Voornaam
Naam
Email
Reactie