Meest recente artikels:
Summerschool Kunstkritiek
Summerschool Schrijverspodium
Summerschool Schrijverspodium
Summerschool Schrijverspodium
Review Dit is mijn vader
Meer artikels van Els Van Steenberghe:
“Balmoral”, coördinatie: de Kopergietery, regie: de Kinderrechtenorganisatie…
Over uitgeslapen multimediale theatervoorstellingen
Pascale Platel verovert de grote Theaterfestivalprijs
THEATERFESTIVAL 2002 - MOLIÈRE IN OVERDRIVE ?
datum 02.09.2002
rubriek Podium
Recenseren binnen deze festivalmallemolen bezit een sterk bijsmaakje. Naast de subjectieve criteria waar elkeen mee schijnt te stoeien, duikt er nu ook een duiveltje op dat je in het oor fluistert een « belangwekkende » productie te zien. Hoe belangwekkend de productie blijkt te zijn, staat open voor discussie maar het label is er, onuitwisbaar en onbetwistbaar. Voor « De Ingebeelde Zieke », een coproductie van Theatergroep Wederzijds en Theater Gnaffel, waagt deze tekst zich aan die dubbele oefening. De voorstelling beoordelen én deels tussen de regels door tegen een « belangwekkend » licht houden. Daar gaan we…
De voorstelling begint met een bliksemflits op het kraaknette witte tegeltjesdecor. Een klinisch aandoende ruimte die gedomineerd wordt door een belabberde troon, alias ondergescheten en ondergekotste wc-pot. Met dit beeld op je netvliezen, barsten de trommelvliezen haast je oren uit. Jawel, Ad de Bont kiest de toegankelijke weg met hippe (loeiharde) popdeuntjes die de sfeer de hoogte in jagen, de passie doen branden, de melancholie doen druipen en vooral de dikke laag humor nog eens extra bijkruiden. Een consequente keuze die de hele voorstelling wordt aangehouden en ook in alle aspecten van de creatie naar voren komt. In die zin kan de scenografie als het objectgeworden concept van de voorstelling gezien worden : alles is duidelijk bepaald, goed afgelijnd maar tezelfdertijd wordt er een vrolijke chaos gecreëerd.

De makers kozen voor een amusant en onderhoudend stuk waar Molière vrolijk bij de arm wordt genomen om mee een danspas in de levendige brouwerij te wagen. Mathieu Güthschmidt, die ook verantwoordelijk is voor de dramaturgie en bewerking van de oorspronkelijke tekst, start zijn spel in « extra-acting » en houdt het moedig tot het einde vol. Zijn overdreven geroep en getier als « zieke » doen vooral de oren tuiten en de wenkbrauwen opveren. Niet geloofwaardig, da’s ook niet de bedoeling. Steeds vaker schemert door dit aanstellerige typetje een kwetsbaar iemand. Het is die schemerzone die het personage van Gütschmidt geloofwaardig maakt. Hoewel. Het « gespeelde » laagje lag er soms net iets te dik op. Dit ligt vermoedelijk ook aan Gütschmidts ietwat ongemakkelijke verhouding met de poppen. In tegenstelling tot collega Elout Hol. Hol raasde door het stuk zonder zichzelf of zijn rollen voorbij te hollen. Met een verbazende (niet gekunsteld aandoende) stemmanipulatie wist hij een resem tegenpersonages een ziel te geven waar geen levend acteur tegen op kan. Mooi en pijnlijk tegelijk. Want terwijl de handen van Hol de poppen tot spelers, tot individuen maakten, verwerden de grappige (levensgrote) poppen tot moeizaam hanteerbare objecten in Gütschmidts handen. Deze minpunten werden echter handig tot een minimum ingedijkt en weggemoffeld achter een waaier van spelplezier.

Dat maakt de voorstelling gelukt. Het is geen parel van een stuk maar gewoonweg een actuele, pretentieloze hergeboorte van Molières tekst. Het dynamische (poppen)spel primeert. Het decor dient vooral als bescheiden achtergrond, « catwalk » voor de koddige poppen en als rijke trukendoos met deuren, spiegels, verstophoekjes en een medicijnenkastje. Inzet : een stevige komedie nieuw wervelend leven inblazen binnen de regionen van een fris, hoewel vrij traditioneel, figurentheater. In dat opzet zijn ze grotendeels geslaagd.

Maar wat zou zo een voorstelling nu aan « belangwekkends » in zich dragen ? Het virtuoze samenspel met de poppen ? De gezwinde bewerking van een klassieker ? De consequente strategische regie die de voorstelling tot een stuiterbal maakt ? Al deze ingrediënten zullen wel tot het belangwekkende van het gerecht bijdragen. Maar misschien zit er ook wat « jeugdig kruid » in vermengd ? « De Ingebeelde Zieke » is een voorstelling die in de eerste plaats voor een jonger publiek is gemaakt. Tegenwoordig zijn de meest ritmische, dynamische en koldereske middelen goed om dit eigengereid volk in de zalen te drijven. Als ze zich vooral maar amuseren, lijkt vaak de onderliggende slogan te zijn. Deze productie volgt die bedenkelijke koers zonder echter de platte toer op te gaan. Ze gebruiken deze trend als meest efficiënte vorm voor hun voorstelling, niet omgekeerd. Dat kan als belangwekkend bestempeld worden. Maar, met de geringe originaliteit die het geheel uitstraalt in het achterhoofd, mischien ook als onrustwekkend ?
Reageer
Voornaam
Naam
Email
Reactie