En wat valt er dan allemaal te zien deze zomer? Wel, de absolute top of the bill, the cream of the crop , het neusje van de zalm is ongetwijfeld Julian Donkey-boy (11/07-31/07), een film zo rauw dat zelfs de ruigste carnivoor er zijn bek op breekt, een werkstuk van vermeend wonderkind Harmony Korine, die eerder al het allerlaagste uit de maatschappij van een guur platform voorzag in het onvergetelijke Gummo. Al wie die laatste film ooit zag (en daar was verdomd weinig kans toe) bleef met een verwrongen maag en een onvergetelijke ervaring achter. Wel, qua intensiteit en onvervalst "Gadverdamma!"-gevoel gaat Julian Donkey-boy nog enkele stappen verder, als we een blik gegund krijgen in het hoofd van een schizofrene jongen (met bijhorende tics en liters kwijl fenomenaal vertolkt door Ewen Bremner) en de talloze botsingen met zijn al even geschifte gezin. Vergeet vooral niet op het einde, als Julian met zijn doodgeboren zoon in de armen op een bus zit, naar de gezichten van de effectief nietsvermoedende passagiers te kijken, een cutting edge stukje candid camera. Om het lange wachten van de fans te belonen presenteert Studio Skoop de enige versie van de film met ondertitels, en ik zweer het je, dat is geen overbodige luxe, de klank is net als de digitale en videobeelden talloze keren gefilterd, om ze zo vuil en rauw mogelijk te maken.
Maar dat is natuurlijk lang niet alles. Caramba geeft u ook opnieuw de kans om nog eens kotsmisselijk de zaal te verlaten, met een aan het fatalistische neigende drang om jezelf in de vernieling te zuipen, alleszins het gevoel waarmee ik na het zien van Requiem for a dream (25/07 tot 31/07) achterbleef, van de hand van nog zo'n wild opstormend jong talent, namelijk Darren Aronofsky. Wie ooit aan de lijve, middels strakke montage, wil ervaren hoe het voelt een zwaar afkickende junk te zijn zit hier aan het juiste adres.
Voorts biedt Caramba nog films van enkele grotere namen, zoals Pedro Almodovar (zijn al te tranerige Todo Sobre mi madre), Steven Soderbergh (Out of Sight, The Limey en een van de beste films van vorige jaar, Traffic) en van David Lynch (zijn laatste drie films, namelijk het alom bekende en nog steeds niet opgeloste Lost Highway, het al even enigmatische Mulholland Drive en het lichtjes melige The Straight Story).
Ook een andere absolute favoriet van mij, het oogstrelende en immer ontroerende In the Mood for love van Wong Kar Wai krijgt een meer dan verdiende herkansing, naast het werk van andere Aziaten als Ang Lee (Crouching tiger, hidden dragon), Tran Anh Hung (Cyclo) en Takashi Miike (The Audition).
Ik zou hier natuurlijk door kunnen blijven gaan met het droogweg opsommen van titels, zowat elke film is wel de moeite om (nog) eens te zien (met uitzondering van het naar mijn inziens strontvervelende Millenium Mambo), maar al dat opsommen levert zelden boeiende lectuur op. Wie in dit lijstje zijn gading nog niet vond, of wie ook graag zou weten wanneer ze die films gaan tonen, die kan wel terecht op www.studioskoop.be. Oh, en dat moest ik er nog bij zeggen: in het onwaarschijnlijke geval dat het al eens zweten geblazen wordt: de zalen zijn verdomd goed verlucht!






