Nadine is een kunstencentrum. Het jongste kunstencentrum van Vlaanderen. Sinds een klein jaar kan Nadine voor haar activiteiten rekenen op een subsidie van de Vlaamse Gemeenschap. Nadine is ook het ‘kleinste’ kunstencentrum van Vlaanderen. Dat neemt niet weg dat kunstenaars er in grote getale hun ei kunnen leggen. De lijst lijkt oneindig, en hij beperkt zich niet tot wat sommige mensen zich nog menen te kunnen herinneren als ‘podiumkunsten in de strikte zin van het woord’. Beeldend kunstenaars en dansers, performers allerhande of schrijvers, voor hen allemaal staat de deur van Nadine wijd open. Vakjes bestaan niet meer, zegt een zin die stilaan als boutade kan worden geklasseerd, en die boutade neemt Nadine van ganser harte tot uitgangspunt voor haar brede werking.
Het kleinste kunstencentrum van Vlaanderen is dus niet voor één gat te vangen. Daar zitten de digitale media, die Nadine op overvloedige wijze tot zich neemt, voor iets tussen. Kunstenaars kennis laten maken met het internet en de mogelijkheden die het biedt, dat lijkt de ultieme truck te zijn om met weinig middelen toch veel kunstenaars op een buitengewoon zinvolle manier aan het werk te zetten. En het dwingt Nadine tegelijk in een missionarispositie. Want als het op internetgebruik en kennis van zelfs de meest basale informatica aankomt behoort arm Vlaanderen wel degelijk tot de Derde Wereld. Reden genoeg in elk geval voor ons om een gesprek aan te knopen met Piet Joostens en Trudo Engels, over de nieuwste dromen en plannen van Nadine en de vrij voorname rol die de nieuwe media daarin spelen.
Urbanmag: Eén van de opmerkelijkste van die plannen is wel het project W3C3. Elke maand nodigt Nadine een kunstenaar uit, die gedurende één dag een publieke webcam ‘parasiteert’.
Nadine: “Publieke webcams zijn bij ons nog zo onbekend eigenlijk. Het zijn camera’s die beelden schieten op bepaalde plaatsen. Zo kan je bijvoorbeeld, via beelden die afhankelijk van de webcam om de paar seconden of om de paar minuten doorgestuurd worden, te weten komen of de zon schijnt aan zee of er sneeuw ligt in de Ardennen. Door een kunstenaar een hele dag lang in dat beeld aanwezig te laten zijn, eigenen we ons die publieke beelden even toe. Nadien worden die beelden samengesmolten tot een kort filmpje.”
Urbanmag: op die manier doen jullie eigenlijk twee dingen. Ten eerste wordt het medium internet gebruikt om ‘kunst’ te maken. Ten tweede wordt expliciet de ‘openbare’ dimensie van dat internet aangesproken: jullie parasiteren webcams die openbaar zijn, jullie bezetten voor één dag een stuk publieke ruimte.
Nadine: “Ja. En eigenlijk is het gek dat zoiets niet vaker gebeurt. We staan hier in België echt wel mijlenver achter op dat vlak. Je ziet dat zelfs aan de jongste generaties afgestudeerden. Zelfs zij kunnen eigenlijk nog maar op de meest elementaire wijze met computers en internet werken. Terwijl web-art evengoed kunst kan zijn. Alleen: die technieken moeten echt wel aangeleerd worden. Dat is de enige maar noodzakelijke voorwaarde om van het internet een medium te maken dat een meerwaarde te bieden heeft. Voor de webkunstenaar zijn een aantal computerprogramma’s gewoon net zo fundamenteel als het potlood is voor een tekenaar. En op dat vlak is nog veel werk aan de winkel. Maar het gaat verder. Je zou eigenlijk ook een soort kalender moeten hebben van web-events, zoals er ook tv-programma’s bestaan. Die dingen komen maar heel sporadisch. En dat is jammer, want er is zoveel goed potentieel aanwezig.”
“Die bezetting van publieke webcams is eigenlijk ook een manier om je podium te verleggen. Je treedt uit de besloten ruimte van een inderdaad klein kunstencentrum. Iedereen heeft in principe de mogelijkheid om te zien waar wij mee bezig zijn. Daarvoor hoef je eigenlijk amper iets te doen.”
Urbanmag: impliciet raak je daar ook het potentieel grote probleem van dit soort zaken aan. Iedereen kan er inderdaad naar komen kijken. Iedereen kan er in principe ook dingen opzetten: het kost jullie bij wijze van spreken geen frank, er is ruimte zat, jullie zijn dan wel een klein kunstencentrum maar aan jullie werking zijn heel wat kunstenaars verbonden. Maar hoe maak ik, als bezoeker, als toeschouwer, het onderscheid? Hoe weet ik waar ik ben? Hoe scheid ik het kaf van het koren?
“Als je dat positief bekijkt, krijg je natuurlijk een verhaal over de autonomie van de toeschouwer. Die moet inderdaad zelf gaan uitmaken of hij al dan niet te maken heeft met de site van een kunstenaar die het internet op een ernstige manier gebruikt als medium om zijn artistieke werk op te maken en presenteren. Bekijk nu die webcams. Er zijn natuurlijk mensen die gewoon voor de fun zo’n ding in hun woonkamer zetten en zo hun privé-leven tentoonstellen voor bij wijze van spreken de hele wereld. Maar soms zijn het ook performers die daar op één of andere manier iets zinnigs mee doen. Natuurlijk is het erg moeilijk om uit te maken waarmee je te maken hebt. En daarin spelen wij, als kunstencentrum met een groot hart voor het internet, mogelijk een erg grote rol. Nadine is een soort tussenschakel, een platform, dat aan een aantal mensen kansen geeft en aan een aantal anderen niet. Kijk, als je op zoek bent naar bepaalde informatie op het internet ga je niet altijd naar een of andere zoekmachine. Wie een beetje ervaren is surft veel doelgerichter, heeft een aantal sites waarvan hij weet wat ze hem kunnen bieden. Nadine kan zo’n site worden wat betreft het werk van een aantal webkunstenaars die volgens ons interessant werk maken.”
Urbanmag: is er eigenlijk sowieso wel een goed huwelijk mogelijk tussen kunst en internet? Zal dat niet altijd een beetje een moeilijke verhouding blijven? Ik heb het slechte maar hopelijk al te naïeve gevoel dat mensen die met kunst bezig zijn niet direct te overhalen zijn om naar het internet te grijpen als medium.
“Dat weet ik niet. Er is een bepaalde mentaliteit die het inderdaad wel moeilijk maakt. De kunstsector zit ook zo in elkaar dat het op sommige vlakken moeilijk is. Kijk nu naar de gewoonte om dingen te verzamelen. Daar is een groot deel van het kunstinstituut op gebaseerd: verzamelingen aanleggen, kunstwerken kopen, aan de muur hangen, en er zeker van zijn dat jij de enige bent die dat werk heeft. En bekijk dan eens wat het internet van die gewoonte overlaat: geen spaander. Op het internet is elk kunstwerk virtueel. Verzamelen heeft geen zin meer. In die zin ligt de verhouding inderdaad moeilijk. Maar is dat een slechte zaak? En heeft dat überhaupt wel iets met kunst te maken, of ligt het louter aan het instituut waarbinnen kunst tegenwoordig wordt gemaakt?”
Meer info over Nadine vind je op hun website. Nadine programmeert natuurlijk ook ‘gewone’ voorstellingen in hun overigens zeer interessant verbouwde ruimtes. Die voorstellingen zijn steeds gratis voor studenten, en bijna gratis voor de rest.






