Het instrumentarium van Xavier-Garcia-Bardon en Clément Laloy is beperkt tot enkele stokoude 16-toeren platendraaiers en dito platen, waarop ze korte samples afbakenen, die gelaagd worden tot al even originele als meeslepende composities. Het resultaat is wellicht het best te vergelijken met de muziek van Gas (een van de vele projecten van Wolfgang Voigt, op Mille Plateaux): epische composities die drijven op melancholische klankgolven, krakende figuurtjes en minuscule texturen. Hun muziek is volledig geconstrueerd met loops, die slechts af en toe een flard van een melodie suggereren, maar door hun repetitie een evocatieve sfeer opwekken van mysterie en romantiek.
En zeggen dat het voor Xavier en Clément allemaal begon op de rommelmarkt…
Xavier: "We hadden al een tijdje zin om samen muziek te maken en toen we toevallig op een rommelmarkt rondslenterden, kwamen we op het idee om muziekjes ineen te knutselen met dingen die we daar gingen vinden. Toen hebben we op het gevoel enkele platendraaiers en platen gekocht - we zouden wel zien wat het zou geven. We wisten absoluut niet wat we eigenlijk van plan waren, we dachten eraan om misschien wat 'rap' te maken, maar uiteindelijk zijn we stap voor stap beginnen werken aan Géographique. Eerst met behulp van twee platendraaiers -door bijvoorbeeld tweemaal dezelfde plaat op verschillende toertallen te draaien, wat later met een derde platendraaier, waarmee er een soort van dynamiek is ontstaan, die de basis zou worden van het universum dat we wilden bouwen."
Clément: "In het begin hebben we ook muziek gemaakt met de computer, maar daar zaten we met een onderlinge discrepantie, want ik ontdekte het medium pas toen Xavier daar al een tijdje mee bezig was. Om op gelijke voet te beginnen hebben we noodgedwongen een nieuwe manier van werken uitgedokterd die ons ook op dezelfde golflengte bracht."
X: "We wilden echt vertrekken van iets dat we niet kenden, en platendraaiers waren voor ons allebei onontgonnen terrein. Daarvoor had ik al in verschillende projecten gespeeld, onder andere in het Buffle collectief, samen met Benjamin Franklin (Een andere Brusselse held, te zien op het eerste Page 3ree evenement, sd)."
C: "Ik heb mondharmonica gespeeld (lacht) en Ik heb gezongen in een koor, maar dat is alles, ik heb echt alles ontdekt dankzij Xavier."
X: "Hij heeft wel een grote rol in bêton"
C: "Ja, in dat project bespeel ik een elektrische orgel, een speelgoedje eigenlijk dat een soort muziekvelden (Nappes de son, sd) produceert - ik kan het niet anders uitdrukken, het speelt in op de elektriciteit van de muziek."
X: "Een soort David Maranha in miniatuur - muziek zonder begrenzingen."
URBANMAG: Bestaat Buffle nog altijd?
X: "Tsja, we spelen nog wel eens als de gelegenheid zich voordoet, maar momenteel werken we met dezelfde leden aan een ander project. Maar het zal sterk verschillend klinken: Buffle was vrij akoestisch, we speelden met ontstemde, rauweklinkende gitaren, speelgoed instrumenten, verfpotten, borden, zulke zaken. Het is lang geleden sinds we nog zo gespeeld hebben, maar wie weet misschien kunnen we herbeginnen. Maar Clément heeft ook een grote rol gespeeld in Buffle, hij speelde niet mee maar hij is het die ons heeft aangemoedigd en bijna gedwongen heeft om verder te spelen. Voor een van zijn toneelstukken heeft hij ons de vrije hand gegeven en dat heeft Buffle een beetje geforceerd om harder te werken en te experimenteren."
C : "Ik heb een methode om de muziek van een theaterstuk te benaderen op een dynamische manier. De muzikant blijft een zelfstandige artiest, hij hoeft niet in het stuk weg te smelten maar voert een dialoog met het stuk door zijn muzikale wereld bij te dragen. Benjamin Franklin heeft recent in twee stukken meegespeeld en ook dat is heel goed gelukt."
URBANMAG: Blijkbaar bestaat er een soort van Brusselse scène, waarin altijd dezelfde mensen opduiken - mensen als Benjamin, Antonin de Bemels, Grinberg…. Is dat zo?
X: "Neen, er zijn een hoop andere mensen die dingen doen in Brussel, maar wij zijn een bende vrienden, die elkaar van op school kennen, vandaar."
C: "Sinds de twee jaar dat Géographique bestaat hebben we wel een aantal andere interessante mensen ontmoet op festivals enzo, waaruit naderhand samenwerkingen en vriendschappen zijn gebloeid. Vooral de concerten in Louvain la Neuve, de 'First Steps & False Alarms' festivals waren grote momenten, daar hebben we onder andere de mensen van Grinberg en Sexy Tiger ontmoet. Maar ook Brussel heeft een aantal events die min of meer van goede kwaliteit zijn en die hebben bijgedragen tot een aantal vruchtbare ontmoetingen."
X: "Met de mensen van (K-raa-K)3 ook. Het is gedeeltelijk dankzij hen dat we live zijn kunnen beginnen spelen en gezien worden door een publiek."
URBANMAG: Op de (K-raa-K)3 sampler staat een heel abstract stuk van jullie, 'Pic'. Het klinkt helemaal anders dan wat we live te horen krijgen.
X : "Ja, maar je moet nu niet denken dat we in het begin abstractere dingen maakten, dat is niet echt de evolutie die we gevolgd hebben. Op dat moment moesten we twee stukken kiezen voor twee verschillende compilaties, van (K-raa-K)3 en Sub Rosa. Dat laatste is nu uiteindelijk uitgekomen, maar het is ruim een jaar geleden opgezonden. We hadden toen besloten dat dit de twee richtingen waren die we wilden nemen. Aan de ene kant heeft onze muziek een abstract karakter, waarin we vooral werken binnen de materie, aan de andere kant is er ook een lyrische dimensie. We wilden per se beide naar voren laten komen en zo zijn twee uiteenlopende tracks op twee verschillende cd's beland."
URBANMAG: Naast een twee jaar oude live-registratie op het Glasvocht label, zijn dat de enige verschenen opnames van Géographique. Gaan jullie ooit een full-CD uitbrengen?
X: "Dat zou wel een goed idee zijn, maar we zijn zeer lui op dat vlak. Eigenlijk nemen we al onze repetities op, we hebben massa's minidisks die we zouden moeten structureren om er effectief iets uit te halen. Maar er bestaan nog geen concrete plannen. "
C: "We zouden er eigenlijk aan moeten beginnen."
URBANMAG: Is jullie muziek in zeker mate beïnvloed door het werk van ander turntablists als Philip Jeck, Janek Schaefer of Es?
X: " Love Cycle van Es vind ik heel goed, zeer ontroerend. Maar het heeft niet dezelfde ingesteldheid als onze muziek. Wij gebruiken enkel drie platendraaiers en haast geen bijkomende effecten. We hebben misschien een keer een delay gebruikt, maar dat is uiterst uitzonderlijk, we proberen er zo weinig mogelijk externe werkingen aan toe voegen."
C: "Ik hou erg veel van Vinyl Coda van Philip Jeck. Laatst hadden we over hem nog een discussie… eigenlijk vind ik Philip Jeck minder radicaal dan ons."
X: "Oh, dat durf ik te betwijfelen, dat lijken nogal verwaande uitdrukkingen. Ik heb wel enkele dingen gehoord van Jeck en Janek Schaefer die ik heel goed vind, maar…"
C: "…Zolang je niet begrepen hebt wat ik wil zeggen is het wel goed hoor (lacht). Eigenlijk is hij veel vrijer dan wij omdat hij een aantal geluidsvelden gebruikt die, de ene op de andere, opgestapeld worden, daarin gebruikt hij loops ('boucles', sd) die inhoudelijk minder krachtig zijn. Daartegenover is onze zoektocht veel radicaler, we leggen onszelf veel striktere en sterkere beperkingen op. Misschien dat we daarom op bepaalde momenten minder vrijheid hebben dan hem. "
X: "Ik ben niet helemaal akkoord met wat hij allemaal zegt, hoor… "
URBANMAG: Zijn die beperkingen op jullie vrijheid bewust ingegeven?
C: "Het is nu eenmaal onze manier van werken geworden en die heeft de muziek bepaald. "
X: "Ja, Philip Jeck maakt vooral cyclussen en loops, terwijl wij proberen iets te ontwikkelen waar we én een soort sentimentele, romantische velden creëeren, én daar bovendien een interventiefactor aan toevoegen. Zo heeft de muziek ook een toevalsfactor, een 'côté bruitiste', die typische interventie van (maakt krakende geluiden). We proberen een compositie zowel horizontaal als verticaal uit te werken. Ik zie Philippe Jeck anders, daar hoor je vooral die cyclussen, als een soort raderwerk…"
C: "… die samengeweven worden, ja, het is tezelfdertijd zeer fascinerend, maar ook vervelend. Maar het laat hem wel toe zonder problemen CD's te maken van drie uur, wat wij nooit vol kunnen krijgen."
X: "Bij Géographique moet je daar ook het lyrische gehalte aan toevoegen, dat is voor ons echt super belangrijk. "
URBANMAG: Hoe worden jullie composities precies geconstrueerd?
C: "We hebben twee verschillende technieken. Xavier maakt vooral de loops, ik manipuleer de platen meer handmatig."
X: "Op die manier vormt zich een soort dialoog, met plaats voor interferenties. We spraken reeds over het horizontale en het verticale - de kleine geluidjes. Bij mij zijn het meer uitgebreide geluidsvelden, Clément maakt meer solo's. "
C: "Ik werk puur op het gevoel, ik creëer een serie geluiden die ik op een bepaalde manier aanbreng. ik herinner mij dat ik in het begin gefascineerd was door de vermenging van verschillende klanken. Met de tijd ben ik veel preciezer geworden, selectiever in wat ik naar voren wil brengen en dus ook veel minimalistischer. Ik hou van klare en duidelijke geluiden. "
X : "Vaak werk je slechts met een of twee sporen, het is een zeer microscopisch werk. … Voor mijn loops val ik altijd terug op bepaalde componisten en arrangeurs, zoals James Last - fantastisch werkmateriaal. Voor mijn soloproject Saule gebruik ik enkel zijn klassieke platen. Ik werk nooit met de originele snelheid, we proberen altijd zeer volumineuze velden te creëren en die krijg je door het geluid van de plaat enorm te vertragen. Dan zoek ik met mijn naald naar interessante klanken, die ik aanduid met plakband. En zo krijg je een 'boucle'. Soms beplak ik een plaat ook lukraak, wat soms toevallig leuke dingen voortbrengt, maar meestal is het toch goed bestudeerd."






