Een reflectie over de tentoonstelling
HET VOORBEELD VAN DE TWIJFEL
datum 22.01.2002
De eerste indruk - voor zover deze überhaupt bestaat? - bij het bekijken van het recente werk Sleepless Night van Marc Schepers (°1951, Borgerhout) zou kunnen zijn: dit is een strak geregisseerde, blokvormige fotomontage van vrijwel abstracte beelden. Beelden die door de kunstenaar waarschijnlijk en bloc tot een voor de toeschouwer vooralsnog duister nieuw betekenisgeheel zijn samengesmeed. Dit zoeken naar een vernieuwende zingeving door combinatie van zeer divers fotografisch materiaal - deconstructie en reconstructie in iets duurdere woorden - vormt reeds sinds het begin van de jaren negentig een relatieve constante in Schepers’ beeldend werk, zij het dan met voornamelijk figuratieve beelden.
“a rose is a rose is a rose”
G. Stein.
Nu zal elke fotografieliefhebber het waarschijnlijk volmondig eens zijn met de volgende kritische bedenking hierbij: deconstructie en reconstructie van fotografische beelden is zo oud als de straat, namelijk even oud als haar medium zelf. Waar ligt dan de spreekwoordelijke (vernieuwende) ‘wringende schoen’ waar de hedendaagse kunstliefhebber in een gepresenteerd werk naar op zoek is? Het antwoord op deze vraag is even evident als moeilijk, het ligt namelijk vervat in de hierboven geschreven woorden: “vrijwel abstract” en “tot een nieuw betekenisgeheel”.
Immers, bij een tweede blik op de foto’s van Sleepless Night afzonderlijk, merkt men al snel dat men voor een twijfelend beeld staat. Het beeld laat de toeschouwer - én diens broodnodige impuls tot betekenisverlening - in de steek omdat het voortdurend kantelt tussen zijn ‘iconische’ en zijn ‘referentiële’ waarde, tussen het beeld zelf en zijn betekenis als het ware. Hoeveel de nu eveneens twijfelende toeschouwer ook kijkt en poogt te interpreteren, steeds zal hij merken dat zijn blik gedwongen wordt te blijven dansen op de dunne scheidslijn tussen beeld en betekenis. Kortom, het beeld blokkeert het psychologische mechanisme van de betekenisverlening van de kijker.
Deze ogenschijnlijk ‘banale’ fotomontage die Sleepless Night in eerste instantie was, blijkt dus het resultaat te zijn van een ronduit ambitieuze artistieke denkoefening, die raakt aan de fundamentele problematiek van de relatie tussen de ‘voorstelling’ en de ‘betekenis’ van het fotografische beeld...
Marc Schepers haalde zijn inspiratie ter illustratie van dit beeldend probleem naar eigen zeggen uit twee belangrijke, relatief recente (kunst)historische ontwikkelingen, namelijk de informele schriftuur en de waarnemingspsychologie.
De informele schriftuur ontstond eind jaren veertig als een soort uitloper van het abstract expressionisme. Het belangrijkste kenmerk van dit informele aspect van een beeld uit zich - enigszins veralgemeend - voornamelijk in de vormelijke twijfel van dit beeld tussen abstractie enerzijds en figuratie anderzijds. Deze onzekere balans bereikt Marc Schepers op technisch vlak door quasi microscopische blow-ups te construeren van zijn vergaarde - figuratief! - fotografisch materiaal. Hij wíl echter geen autonoom beeld (in de zin van abstractie), en wil tevens de noodzakelijke referentie (de figuratie), impliciet aan een fotografisch beeld, omzeilen. Toegepast op Sleepless Night, is deze doelstelling dus ambitieus te noemen omdat hij tot een informele schriftuur in een beeld komt, gebruik makend van het medium fotografie, dat in se realistisch - en dus referentieel - is!
Ook aan het onwrikbare adagium van de waarnemingspsychologie - die andere muze - weet hij in zijn fotografische beelden te ontkomen. Dit ‘axioma’ stelt immers dat élk beeld een gedwongen referent heeft, en dus het resultaat is van een hierin door de waarnemer geprojecteerde ‘context’ of ‘betekenis’. Net wegens het informele karakter van de beelden van Sleepless Night, verzandt de toeschouwer noodzakelijkerwijs terug in de twijfel tussen het autonome fotografische beeld - de ‘abstractie’ - en zijn betekenis, de ‘figuratie’. Om deze fundamentele visuele onzekerheid op te heffen wordt hij dus herhaaldelijk gedwongen tot het kijken naar... het iconische beeld zelf. Het waargenomen beeld ís steeds opnieuw het beeld!
Schepers’ introductie van het informele aspect in de fotografie van Sleepless Night, dwingt ons dus het door de waarnemingspsychologie gepropagandeerde referentiële beeld van zijn noodzakelijke context te ontdoen. Een gedwongenheid die wel eens zou kunnen leiden tot een andere - meer verbijsterende - ‘twijfel’, namelijk de vraagstelling naar een universele waarneming van (fotografische) beelden! Élke toeschouwer zal immers deze onzekerheid ervaren: Is een beeld een beeld of een beeld van een beeld?
(La vie en image, dan toch?)
De expositie loopt van 24 januari t.e.m. 2 maart in Ruimte Morguen, Waalse Kaai 21-22, 2000 Antwerpen. Open donderdag t.e.m zaterdag van 10 tot 18u.