Meest recente artikels:
Summerschool Kunstkritiek
Summerschool Schrijverspodium
Summerschool Schrijverspodium
Summerschool Schrijverspodium
Review Dit is mijn vader
Meer artikels van Dirk Deblauwe:
(Christel Stalpaert)
(Pieter De Buysser en Benjamin Verdonck)
(Ole Kloss & Jochen Stechman)
Over terminologie en relevantie in de beeldende kunst.
DIGITALE KUNST >1<
datum 12.11.2001
Net art, een onderwerp dat in het licht van de digitale revolutie binnen de beeldende kunsten en de daarbijhorende pers heel wat aandacht krijgt, lijkt als begrip een vaste plaats verworven te hebben. Toch lijkt er na wat denkwerk heel wat te schorten aan de noemer, de concrete invulling, de praktijk, van het begrip. Digitale kunst zou in veel opzichten een veel nuchtere en omvattender term zijn, die rekening houdt met wat de beeldende kunsten betekenen vandaag, onder welke vorm ze waardevol kunnen zijn. Een gedachte die bovendien vanuit een kunsthistorische benadering een logischer idee zal blijken te zijn. Internet-‘kunst’ kan enkel onder die vlag een zekere rol spelen, en bijgevolg kan ze absoluut niet als een losstaand gegeven beschouwd worden.

In welke ‘vorm’ kan beeldende kunst nog een revelerende rol spelen binnen het hedendaagse landschap? De tijd van de klassieke invulling van het begrip ‘vorm’ kan en moet als afgesloten beschouwd worden. Die vorm is dan de finale kristallisering in iets als schilderkunst, sculptuur en recentere vormen zoals de installatie, fotografie, etc. Laten we er vanuit gaan dat een finaal kunst-‘object’ verleden tijd is. Waarom?
Het is overduidelijk dat de evolutie van de twintigste-eeuwse kunst de moord betekent op een dergelijk iets. Startend met Duchamp, in horten en stoten doorheen diverse stromingen werd het object an sich vernietigd. De deconstructie die we tijdens de laatste decennia van de twintigste eeuw als bepalend aanzien was gedurende de ganse twintigste eeuw een min of meer uitgesproken constante.
Dit resulteert in het bestaansrecht van een kunst waar niet langer de vorm als finaal gegeven beschouwd wordt, maar eentje waar de idee en de evolutie van die idee de kern van het artistieke proces vormen. Natuurlijk komt het object binnen een dergelijke gedachte nog altijd naar voor als communicerend element tussen kunstenaar en toeschouwer, maar niet langer als fetisj binnen een museale constructie of een kunst-markt. Ze zullen enkel en alleen momenten zijn die geregistreerd worden of zijn, de ankerpunten van een ‘verhaal’.

Net art blijkt zich tot nu toe hoofdzakelijk te manifesteren als een mediumale kunst, en zoals we al stelden, de tijd van een dergelijke handeling is voorbij. Er wordt vanuit de meest diverse benaderingen gezocht naar het hanteren van het medium zelf, zonder belang te hechten aan een zeker idee. Terug naar het formalisme van het doorgedreven minimalisme dus. Het kan natuurlijk interessante elementen aanbrengen over het medium zelf, maar zal binnen de evolutie van de beeldende kunsten al snel als minder belangrijk, zoniet als waardeloos beschouwd worden. Of: wat voor computernerds een natte droom is, zal de aandachtige toeschouwer diep ontgoochelen.

Nu blijkt dat net deze vorm, binnen de traditionele media, de aandacht krijgt en zodoende geprofileerd wordt als een belanghebbend, constitutief element van het hedendaags ‘beeldende kunsten’-landschap.

De leden van de internet-gemeenschap tonen zich adepten van figuren zoals Deleuze en Baudrillard, die beiden binnen het postmoderne discours hun rol gespeeld hebben. Net dat postmoderne discours is verantwoordelijk voor de eliminatie van het object als centraal gegeven binnen de beeldende kunsten. Zij bepaalden dus mede hoe een relevante beeldende kunst er vandaag uitziet. Vanuit die hoek blijkt een negatieve kijk op het digitale een overheersende tendens. In Baudrillards wereld loopt de mens hopeloos verloren in een realiteit die niet langer de realiteit zelf is, maar een geconstrueerd surrogaat, een hyperrealiteit . Het digitale, de cyberrealiteit, is hier, wat Baudrillard betreft, een perfect voorbeeld van.
Nu is het al lang zo dat het apocalyptische denken van Baudrillard eerder ironisch behandeld wordt. Te zwart-wit opgesteld, faalt de theorie onvermijdelijk. Wanneer we dit apocalyptische laten voor wat het is, blijkt al snel dat het digitale zich uitermate schikt tot het gebruik binnen de beeldende kunst. De focus binnen een relevante beeldende kunst ligt immers op het vlak van de idee en de vertaling van de evolutie ervan, weg van het finale kunst object. Zijn de nieuwe digitale media niet uitermate geschikt om deze ‘vloeibaarheid’ op een effectieve wijze gestalte te geven?
Digitale media onttrekken zich aan de definitieve materialisering, de kern van het finale kunstobject. De tijdelijkheid van de materialisering van de idee maakt het mogelijk op een evolutieve manier te werk te gaan. De tijdelijke kristallisering betekent het vastleggen van een ankerpunt dat dus absoluut niet finaal is, beschouw het eerder als het plaatsen van stapstenen, momenten in een evolutie. Interactie kan in die zin veel directer zijn dan de oorspronkelijk verhouding tussen kunstwerk en toeschouwer. De toeschouwer kan ingrijpen, waardoor die zich in een meer participerende rol bevindt, maar ook de kunstenaar is hiertoe in staat. Kunst wordt hier vloeibaar, met het evolutieve karakter als inherente eigenschap.

De digitale media kunnen dus beslist een belangrijke rol spelen, maar niet als verzelfstandigde disciplines. Internet, cd-rom, dvd, ... dragen dezelfde elementaire eigenschappen met zich mee die het hun toelaat op een gelijkaardige wijze te functioneren. Spreken we van cdrom-kunst, dvd-kunst, internet-kunst, … ? Hopelijk niet, tenslotte dekken ze allen dezelfde lading, en kunnen ze op een behoorlijke wijze elkaars functie als drager vervangen. Het wordt tijd dat de rigide opdeling in klassen en subklassen zich niet meer louter en alleen op die drager toespitst (‘formalisme’), maar eerder op de geboden mogelijkheden (‘vloeibaarheid’). Natuurlijk blijft de noemer noodzakelijk, maar eenduidigheid hierin vermijdt uitwassen die dan als zelfstandig beschouwd worden, en zich eigenlijk helemaal niet in een revelerende beeldende kunst inpassen.

Reageer
Voornaam
Naam
Email
Reactie