Elk jaar aan het begin van het festival staar ik verwilderd naar het beeld op de voorzijde van het programmaboekje. Ik voel dan de plicht aan dat beeld iets aan te linken dat ZO TREFFEND is als het aankomt op theater. Ik vind meestal wel iets maar zodra ik erop probeer door te denken, wordt het zo ontoereikend dat ik het los moet laten. Na een tijdje is mijn hoofd leeg.
Ik vind het verraderlijk. Ik vind het niet eerlijk. Ik vind het zo vaag gekozen, dat ik het kan verklaren met allerlei dingen maar ook met helemaal niets. Ik vind het gemakzuchtig.
Ze hebben iets met de natuur. Ze hebben iets met hout en bomen. Maar wat? En wat heeft theater met natuur, hout en bomen?
Een boom is net zo veranderlijk als theater dat is?
Een boom wordt waardig ouder, een boom rot maar valt niet omver?
Hout doorstaat de tand des tijds maar draagt er toch de sporen van?
De natuur is een stroom, theater is een waaier van mogelijkheden?
Steeds nietszeggender worden de associaties.
Standpunten zijn niet meer van deze tijd.
Tegenwoordig wekt het op een podium ontroering als je ervoor durft uit te komen dat je geen standpunt hebt, want dat is ZO HERKENBAAR. Nog beter is het als je laat blijken dat je het heel erg en zelfs onoverkomelijk vindt dat je geen standpunt hebt. De meeste mensen zullen dan heel erg geraakt zijn, want zij voelen zich gesteund in de doelloosheid van hun gedachten. Ik ook. Het is zalvend iemand te zien verzuipen zoals we zelf verzuipen in de gevaarlijkheid van de wereld en de tijd en de eindigheid waarop we afstevenen.
Maar ik ben ook kwaad, want ik wil geholpen worden, en dat is niet wat ik ervaar wanneer ik mijn eigen wankelbaarheid bevestigd zie. Mag ik niet verlangen van iemand die op een podium staat dat hij meer te zeggen heeft dan ik? Maar kunnen we wel iets meer vragen dan wat we zelf weten? En als het antwoord op die vraag NEE is, welk bestaansrecht heeft de scène dan nog?
De boom op het programmaboekje maakt mij op gelijkaardige wijze kwaad: hij getuigt van de onmogelijkheid iets te kiezen om voor uit te komen. Ik vind de boom lelijk. Ik vind het belachelijk dat hij gewone takken en bladeren heeft zoals een gewone boom maar ook heidestruiken en bloemen die normaal in een veld staan en niet op een boom. Is dit misschien EEN COMBINATIE VAN FACTOREN? Ik vind het artificieel hoe de weide achter hem kaal geworden is omdat hij zoveel schaduw wegneemt dat het gras er niet meer groen groeit.
Als een boom al geen boom meer is. Als een State al geen State meer is. Dit is niet eens een kantelpunt, geen scharnier of transitietijd. Dit is helemaal niets.







