Meest recente artikels:
Summerschool Kunstkritiek
Summerschool Schrijverspodium
Summerschool Schrijverspodium
Summerschool Schrijverspodium
Review Dit is mijn vader
Meer artikels van Thom Vander Beken:
twee theatervernieuwers brengen opera tot leven.
Een interview met Aviel Cahn, de intendant van de Vlaamse Opera.
kunstkamers in het Rubenshuis te Antwerpen.
Een retrospectieve in het Wiels te Brussel
FELIX GONZALEZ-TORRES
datum 13.03.2010
Karl Marx wist het al: cultuur is de bovenbouw van de economie. Als het economisch goed gaat, bloeien de kunsten en als de knip op de portemonnee moet, dan deelt ook de cultuursector in de klappen. Het duurde een kleine eeuwigheid voor de Europese hoofdstad eindelijk zijn eigen centrum voor hedendaagse kunst kreeg, en nu dreigen administratieve en financiële onduidelijkheid het centrum voortijdig te sluiten. Het Wiels vestigde zich nochtans snel met een stevige reputatie tussen de andere centra voor hedendaagse cultuur in België. Vorig jaar bijvoorbeeld ging de nieuwe reeks schilderijen van Luc Tuymans er in première en ook werk van Ann Veronica Janssens was er de afgelopen maanden te zien.
Sinds januari wordt voor de eerste keer in België een grote retrospectieve gewijd aan het werk van de Cubaans-Amerikaanse kunstenaar Felix Gonzalez-Torres, een naam die - jammer genoeg - niet meteen bekend in de oren klinkt. De kunstenaar overleed in 1996, maar werd in 1997 nog (uitzonderlijk) postuum geselecteerd voor de biënnale van Venetië in het Amerikaanse paviljoen. Zijn werk zit in‘s werelds belangrijkste private en openbare kunstcollecties, en sinds 2002 waakt ook een stichting - die zijn naam draagt - over zijn nalatenschap. Na Brussel reist de tentoonstelling nog verder naar Basel en Frankfurt.



Het Wiels bedacht een originele manier om het oeuvre van Gonzalez-Torres onder de aandacht te brengen: twee verschillende curatoren maakten los van elkaar een selectie uit het oeuvre van de kunstenaar. Elena Filipovic mocht als eerste aan de slag (van 16/1 tot 28/2), gevolgd door de kunstenaar/curator Danh Vo ( van 5/3 tot 2/5). Het Wielsgebouw, een voormalige brouwerij, is een fantastische locatie: de witte zalen met hoge plafonds en geblindeerde ramen, vormen de ideale doos om de poëtische werken van Gonzalez-Torres te presenteren. Beide curatoren kozen ervoor om eerder spaarzaam om te gaan met de werken. Filipovic selecteerde 46 werken, en Vo reduceerde dat aantal nog tot 17. Terwijl de meeste retrospectieven streven naar volledigheid, wordt in het Wiels dus voor een meer persoonlijke en atypische aanpak gekozen. Door 2 verschillende installaties van zijn werk te presenteren, suggereert deze zogenaamde ‘overzichtstentoonstelling’ dat er geen juiste, absolute of enige manier bestaat om het werk van deze veel te vroeg gestorven kunstenaar te tonen.

Gonzalez-Torres’ werk wordt getypeerd door de woorden minimalisme en conceptualisme, en ook al lijkt zijn oeuvre nu voer voor de incrowd, zelf gaf hij verschillende keren aan dat dat absoluut niet de bedoeling was. Hij wou niet alleen werk maken “for people who can read Fredrick Jameson sitting upright on a Mackintosh chair”, maar ook voor het publiek van de ‘Golden Girls’ die gewoon onderuitgezakt in hun fatboy zitten.

De tentoonstelling beklijft je zonder dat je er zelf (bewust) voor kiest. De poëzie die uit de werken spreekt, de eenvoud en de eerlijkheid, kruipen onder je vel. Het is wel jammer dat je in het Brusselse kunstencentrum niet meer te weten komt over de figuur van Gonzalez-Torres zelf en de ruimere artistieke context van de jaren ‘80 en ‘90. Niets van wat hier beschreven wordt, heb ik in het museum zelf gevonden. Long Live the Internet! Je krijgt in interviews en teksten nochtans de indruk dat Gonzalez-Torres de autobiografische laag in zijn werk wel wou delen met zijn publiek. Hij bracht tijdens de opbouw van zijn tentoonstellingen altijd veel tijd door met de suppoosten. Hij vond dat de mensen die daar een hele dag samen met zijn werk gingen zitten, toch het recht hadden om te weten waar het over ging. Hij investeerde dus tijd om ze inzicht te geven in de kwetsbare kern van zijn oeuvre. Die gidsen konden de bezoekers dan later begeleiden in hun ervaring. Deze aanpak lijkt volledig in te gaan tegen de heersende praktijk in de hedendaagse kunst waar – helaas - blijkbaar naar een vorm van elitarisme wordt gestreefd.

En dan het werk zelf! In de onvolprezen Amerikaanse reeks ‘Mad Men’ geeft Don Draper zijn definitie van nostalgie: “pain from an old wound”. Dat gevoel krijg je ook bij bepaalde werken van Felix Gonzalez-Torres. De thematiek hangt vaak samen met de broosheid van ons eigen lichaam. Ook de relatie van de kunstenaar met zijn partner Ron komt vaak aan bod: Ron overleed in 1991 aan AIDS (net zoals Gonzalez-Torres zelf trouwens).
In de panoramazaal heeft het werk ‘Untitled’ (1989-1995) ook de tweede selectie van Danh Vo gehaald. Net onder het plafond zijn op de 4 muren van de zaal een reeks data en gebeurtenissen geschilderd. Het zijn biografische data uit het leven van Gonzalez-Torres:

MTV (1981); Silver Ocean (1990); Rafael (1992); Andrea (1990); Twenty-Fourth Street (1993); Placebo (1991); George Nelson Clock (1993); A view to Remember (1995)

Je voelt aan dat het gaat om een soort van subjectieve biografie, een tijdslijn waarop momenten van vreugde (‘Our own Apartment’ -1976) later gevolgd worden door momenten van verlies en gemis (‘The world I knew is gone’ -1991). Ook het werk ‘Untitled’ (Perfect Lovers) (1987 – 1990) verwijst naar een persoonlijk verhaal. Twee klokken hangen in de traphal naast elkaar. Ze geven hetzelfde uur aan; ze tikken gelijk. Het is een eenvoudig werk dat het persoonlijke niveau moeiteloos overstijgt en iedereen kan raken.



Zeggen dat het werk van Gonzalez-Torres alleen zijn eigen gevecht tegen de vergankelijkheid ‘documenteert’ zou weinig recht doen aan een consistent poëtisch oeuvre dat evengoed ingaat op politieke vraagstukken van die late jaren ‘80 en vroege jaren ‘90. Een mooi voorbeeld hiervan zijn de vele stacks die hij maakte: werken die bestaan uit stapels eindeloos gekopieerde afbeeldingen (of soms zelfs helemaal witte bladen). Het is de bedoeling dat je die als bezoeker meeneemt naar huis en zo voor een stukje eigenaar van het kunstwerk wordt.
Gonzalez Torres mediteert hier over de status en de originaliteit van het kunstwerk, en de heilige plaats van de tentoonstellingsruimte zelf. Een interessante passage in een interview met Gonzalez-Torres uit 1995 gaat hierop in:

"When I started doing this work in 1988-89 the buzzword was public art. One thing that amazed me was that the difference between being public and being outdoors was not spoken about. It's a big difference. Public art is something which is really public, but outdoor public art is something that is usually made of good, long lasting material and is placed in the middle of somewhere, because it's too big to be inside. I was trying to deal with a solution that would satisfy what I thought was a true public sculpture, and that is when I came up with the idea of a stack. It was before people started making scatter art and stuff like that. So when people walked into the gallery at Andrea Rosen's and they saw all these stacks, they were really confused because it looked like a printing house, and I enjoyed it very much.
"



Het Wiels heeft geprobeerd om ook de ruimte van het museum zelf te verlaten en bijvoorbeeld de werken ‘Untitled’ (1995) en ‘Untitled’ (1992) op grote billboards langs drukke Brusselse wegen te hangen. Zo is werk van Gonzalez-Torres ook te zien voor mensen die de stap naar het museum nooit zullen zetten. En zo wou Gonzalez-Torres het ook.

De politiek moet binnenkort beslissen over het voortbestaan van Wiels. Met petities probeert men de nodige druk te zetten, en misschien komt er nog een oplossing uit de bus. Het zou in ieder geval jammer zijn, mochten in de toekomst andere kunstenaars niet meer de kans krijgen om de zalen van het Wiels te gebruiken om hun werk te delen met een trouw en toegewijd publiek.



De retrospectieve is nog te zien in het Wiels te Brussel tot 25 april
www.wiels.org
Reageer
Voornaam
Naam
Email
Reactie