
De tentoonstelling is kort, zeer kort. Als ik eerlijk mag zijn, is ze het niet waard om zo genoemd te worden. “Kamers vol kunst” is duidelijk een allusie op de schilderijen, niet op het geheel. Ik had de indruk klaar te zijn voor ik nog maar begonnen was. Maar wacht tot je ziet wat Willem van Haecht op doek heeft gezet… Grote toverwoorden voldoen niet. Ieder detail werd minutieus geschilderd en vereeuwigd. Met je ogen dicht herken je zo een aantal schilderijen, andere worden een grotere uitdaging gezien ze al een hele tijd onbekend of vermist zijn. Zijn technisch vernuft maakte me onmiddellijk duidelijk waarom hij als schilder werd aangeduid. Het zou zijn "geschilderde kunstkabinetten" echter geen eer aandoen ze louter te beschrijven, je moet ze gezien hebben. Maar net daarin schuilt het addertje: van Haecht heeft slechts drie van dergelijke werken geschilderd. Het genot is intens maar kort, je bent al aan de koffie nog voor je de soep geproefd hebt. Zelfs bij een driesterren diner is zoiets jammer. Maar het Rubenshuis geeft zich niet zo snel gewonnen. Er zijn immers nog andere kunstenaars die dergelijke werken opgeleverd hebben. David Teniers de Jongere, Jan Breugel de Oude, Frans Francken de Jonge en Gonzales Coques krijgen ook een plaats in de tentoonstelling. Terecht, zo blijkt. Ook hier is het genieten van meesterschap. Wie zei nu ook alweer dat geld niet gelukkig maakt?
Zijn er dan geen minpunten, zou je denken? Het gevaar zit hem in de persoonlijke ervaring. De organisatie heeft gekozen om voorbeeldwerken die Willem van Haecht gebruikt heeft, ook tentoon te stellen. Zelf hecht ik hier niet zoveel belang aan. Een misschien iet of wat vreemde kronkel, maar hij is er. Voor anderen is dit wel een meerwaarde. Een Antoon van Dijck laat je uiteraard niet links liggen. Maar ikzelf wil me onderdompelen in overdaad, pracht en decadentie. En dat gevoel miste ik een beetje. Het parcours is naar mijn mening ook foutief opgesteld door van Haecht als eerste op te hangen. Op die manier wordt je sublieme ervaring niet tot het laatste gehouden.

Ondanks alles tonen deze kunstkamers een unieke pracht en meesterschap. Ze zijn een uitbeelding van de rijkdom die heerste in Antwerpen en ze leefden te midden van grote kunstenaars als Rubens en van Dijck. Dat alleen al is reden genoeg om een bezoek te overwegen. Het Rubenshuis biedt een uitstekende omgeving om de sfeer van dichtbij te proeven. Zoals ik al zei, zijn de minpunten een persoonlijke toets. Ik laat het aan ieder voor zich om deze meesterwerken te ontdekken en te ondervinden.
De tentoonstelling loopt nog tot 28 februari. Meer info is te vinden op de website van het Rubenshuis
www.rubenshuis.be






