Meest recente artikels:
Summerschool Kunstkritiek
Summerschool Schrijverspodium
Summerschool Schrijverspodium
Summerschool Schrijverspodium
Review Dit is mijn vader
Meer artikels van Tine Poesen:
Over 'Woordkramerij. De woorden die Moeder de Taal vergat te baren'
Over 'Zeewater is zout, zeggen ze' van Simone Lenaerts
Over Oneindigheid in een handpalm van Gioconda Belli
Abdelkader Benali's kijk op evolutie
Over Niet de hele waarheid van Dirk Kurbjuweit
OVERSPEL MET VIER PIONNEN
datum 27.09.2009
auteur Tine Poesen
rubriek Literatuur
Moet uw echtgenoot de laatste tijd steeds vaker overwerken? Pleegt hij stiekeme telefoontjes die stilvallen vanaf het moment dat u de kamer betreedt? Of zijn er andere schijnbaar opvallende aanwijzingen dat uw man overspel pleegt? Hij is lang niet de enige. Zowat iedereen doet het. Want, ‘het civilisatieproces van de mens is niet afgelopen zolang de drift nog bestaat.’ Aldus Arthur Koenen, privédetective met als specialisatie dierentuinen en overspel. Via deze protagonist waagt Dirk Kurbjuweit zich in Niet de hele waarheid aan het gevoelige onderwerp van echtbreuk. De populaire auteur-journalist verhoogt bovendien de inzet door de Duitse politiek als strijdtoneel te kiezen. Het resultaat is een intrigerend verhaal over een onderzoek zonder moord, maar niet zonder slachtoffers.
Niet de hele waarheid laat zich moeilijk vatten onder een genrenoemer. Op het eerste gezicht zou men de roman paradoxaal kunnen omschrijven als een romantische detective met vier spelers, maar deze benaming slaat radicaal om naar een politiek afpersingsdrama wanneer een van die spelers zich al te zeer laat meeslepen in zijn rol. Het verhaal wordt verteld vanuit het standpunt van de voornaamste speler: de privédetective Arthur Koenen. Hij bevindt zich ondanks de economische crisis op het hoogtepunt van zijn professionele carrière en heeft zich gaandeweg gespecialiseerd in het betrappen van overspelige echtgenoten en zakkenrollers in de Bahnhof Zoo. Dankzij zijn ervaring en nauwkeurige observaties kan Koenen beide mensensoorten als geen ander doorzien. Hij filosofeert voortdurend over algemeen menselijke interacties en heeft zo zijn eigen idee over de heiligheid van het huwelijk. Nochtans ensceneert hij tijdens ieder onderzoek naar ontrouw zijn eigen verhaal, ‘hoe eleganter, hoe beter’. Stap voor stap stelt de detective een doordachte en uitgebreide bewijsmap samen. Hij bepaalt zelf wat zijn cliënten te zien krijgen en helpt zo de bedrogen echtgenotes een juiste beslissing te nemen over het lot van hun huwelijk. Hij is er daarom stellig van overtuigd dat hij met zijn onderzoek meer redt dan hij verwoest. Met dit idee ontmoet Koenen de tweede speler, de achterdochtige vrouw Ute Schilf. Hij herkent haar niet meteen, maar beseft al snel dat het hier gaat om de echtgenote van de beruchte politicus, partij – en fractievoorzitter Leonard Schilf. Het spel wordt heel wat riskanter met een streng bewaakte overspelige echtgenoot als derde speler, toch besluit Koenen het erop te wagen. Hij begint onmiddellijk aan de eerste stap van zijn onderzoek: het zoeken van de vierde speler, de minnares. Door sterk schaduwwerk ontdekt hij dat Leo Schilf een geheime relatie heeft met een jonge partijgenote, Anna Tauert. De privédetective krijgt steeds meer sympathie voor deze Anna en wanneer hij plots beseft dat Arthur van Anna houdt geeft hij een eigen invulling aan zijn opdracht. Hij schrijft zijn eigen verhaal.

Een whodunit met een moraliserende ondertoon
De romantische verhaallijn in Niet de hele waarheid en vooral de manier waarop ze verteld wordt, is nogal onconventioneel. De liefde tussen de jonge Anna en de rijpere Leonard is geen wild kantooravontuur, maar eerder een opeenvolging van korte, passionele, doch beschaafde ontmoetingen in de lift. De afstandelijkheid van die relatie wordt versterkt door de bron van informatie. Zoals de zon als eerste getuige was van het overspel van Venus met Mars, is Koenen hier directe getuige van een moeizaam liefdesavontuur. Zijn objectieve, licht jaloerse observaties geven de lezer echter slechts een vaag beeld van het koppel. Meer inzicht krijgen we via de directe weergave van het e-mailverkeer tussen Anna en Leo. Door het gebruik van deze vertelinstantie lijkt niet alleen de relatie tussen de hoofdpersonages erg afstandelijk, maar wordt ook de relatie tussen de lezer en de personages bekoeld. Niet meteen het epische liefdesverhaal waar sommige lezers in deze zwoele nazomer op zitten te wachten, dus, maar wel een realistische inkijk in een relatie die even oprecht, romantisch, wanhopig, euforisch en tegenstrijdig is als alle andere. Het onderzoek biedt bovendien het perfecte kader om te filosoferen over menselijke relaties, met of zonder getuigen. De liefdesmails tussen Anna en Leo worden afgewisseld met inzichtelijke observaties van een mensenmassa in de grootstad Berlijn door een man die het gewend is zichzelf weg te cijferen. Ook in zijn persoonlijke leven, want de detective heeft – zoals de meeste detectives – nooit echt liefde gekend. Hij leeft voor zijn werk en gebruikt graag zijn vreemde uiterlijk (hij kreeg al meermaals te horen dat hij op Harvey Keitel lijkt) als excuus. Koenen heeft medelijden met Anna, want hij doorziet haar overbodige rol in het spel en beseft dat de minnares mogelijk nog meer gekwetst wordt dan de bedrogen vrouw. De privédetective, spelbegeleider van dienst, begrijpt niet alleen alle personages, hij heeft ook een verhelderende kijk op het gehele overspel; hij geeft er zijn eigen psychoanalytische invulling aan. Zo stelt hij zich niet langer de vraag waarom mensen elkaar bedriegen. De dingen gebeuren omdat ze mogelijk zijn en omdat de mens in essentie wordt gedreven door drift. Freuds Es-gedrag maakt ons volgens de detective op een gegeven moment tot barbaren. Kortom, Koenen ziet weinig onderscheid tussen de mensen die hij schaduwt en de leeuwen die hij dagelijks in de dierentuin bezoekt.
De stijl die Dirk Kurbjuweit in zijn verhaal hanteert is duidelijk geworteld in de journalistiek, al wordt het heldere taalgebruik gelukkig af en toe afgewisseld met bijzonder rake beeldspraak. De actie is met andere woorden soms ver te zoeken en daarom maakt deze roman vermoedelijk veel minder kans op een verfilming dan het vorige werk van de auteur. Nochtans vermindert die aanpak de kwaliteit niet, integendeel. De Duitse politieke wereld die schijnbaar fungeert als een achtergrond voor dit afstandelijk en innemend liefdesverhaal, is eigenlijk zoveel meer dan dat. Het is eerst en vooral bekend terrein voor de auteur, die als politiek journalist zijn brood verdient en via deze roman impliciet zijn mening lijkt te willen ventileren. Zowel in het personage van Anna (een gepassioneerde dissidente, met een kritische blik op de Duitse inmenging in Afghanistan), als in de privédetective, is duidelijk de stem van een kenner te horen. Aan de andere kant is het politieke gordijn een briljante manier om de spanning op te drijven. De personages leven letterlijk in glazen huizen en voelen voortdurend de ogen van ‘het volk’ branden in hun rug. Zoals de titel al doet vermoeden is niets wat het lijkt in Niet de hele waarheid, en – opvallender nog – iedereen, zelfs de privédetective, handelt uit eigenbelang. Zulk oneerlijk en onvoorspelbaar gedrag ligt niet alleen in de natuur van de politieke wereld, maar van alle mensen.


Dirk Kurbjuweit, Niet de hele waarheid. Vertaald door Herman Vinckers. Uitgeverij Signatuur, 215 p.


  Met dank aan Passa Porta.
Reageer
Voornaam
Naam
Email
Reactie