Meest recente artikels:
Summerschool Kunstkritiek
Summerschool Schrijverspodium
Summerschool Schrijverspodium
Summerschool Schrijverspodium
Review Dit is mijn vader
Meer artikels van Stefanie Van Rompaey:
Review Springville
Review Arabisch teksttheater
Terugblik Het Theaterfestival
Editoriaal
DE SPRONG GEWAAGD
datum 21.05.2008
rubriek Podium
In een witte cirkel van licht spant en ontspant een lichaam zich als een bloem die sluit en weer open gaat. Cirkelgewijs tuimelt het traag rond de as. Lisbeth Gruwez vat zichzelf bij de kraag en ploft weer in elkaar zoals een grote levende long op en neer gaat in een borstkas. Door de boxen weerklinkt een krakende ruis en verder hoort men enkel het zware ademen van Gruwez. Ze balanceert steeds net boven de grond, als een pluim in de lucht, haar evenwichtspunten daarbij constant veranderend.
Jarenlang stond ze ten dienste van anderen, onder wie Jan Fabre, die een grote invloed op haar had. Nu danst Gruwez voor zichzelf en maakte een eerste stuk, een solo voor zichzelf over de kunst van het vallen.

Een witte helm valt uit de lucht en wordt opgezet. Dit is niet meer zacht en vredig vallen, dit is de val van dichtbij: draaien, botsen, scharen en schuiven. Bepaalde bewegingen doen aan het popping & locking van de breakdance denken: elastisch, als van rubber schokken haar ledematen. Gruwez is een speeltje van de zwaartekracht, van de wind, een opgespannen, losgeslagen veer. Opvallend is dat de helm mee de soundscape bepaalt: bij elke bots of slag weerklinkt het geluid door de speakers.

Achteraan rechts op de scène staat een grote zwarte rots zonder scherpe kanten. Achterwaarts, als door een gat gezogen, springt Gruwez erop. De helm is al af en haar jasje gaat uit en vanaf dan wordt het alleen maar sterker: op de zwarte klomp (de neus van een vliegtuig?) trekt een rug zich samen en ontspant alsof wind en luchtdruk haar bij elkaar perst. Onder haar strakke huid rollen de spieren, deze vrouw is één brok kracht. Wanneer politieradio weerklinkt verandert Gruwez in een demonische, op de vlucht geslagen gekkin. Catch me if you can! De bom ontploft: alle pijn, hulpeloosheid, angst, de kennis dat deze val niet overleefd kan worden wordt uitgeschreeuwd.

Gewaagd, maar het werkt: het einde staat in groot contrast met de rest van het stuk. Van dans van een adembenemende schoonheid en precisie naar een komisch tafereel, bijna mime. Een blikje cola, een boertje en wat zweet afvegen, alsof er nooit van een doodsval sprake was. Op de tonen van Dolly Parton transformeert Lisbeth Gruwez tot een stewardess die ons de flight intructions geeft. Badend in rood licht is dit bijna onwerkelijk na wat we voorheen zagen. Dit einde werkt wonderwel omdat de rest van het stuk sterk genoeg is.

Gruwez werkte één eenvoudig gegeven - vallen – uit tot een beklijvende dansvoorstelling. Ze behoeft haar dans niet te ondersteunen of verklaren met achterliggende kunsttheorieën of zware filosofische ideeën: haar ruggengraat draagt de dans.

Gezien op 9 februari 2008, Something Raw, Brakke Grond (Amsterdam).
Reageer
Voornaam
Naam
Email
Reactie