Meest recente artikels:
Summerschool Kunstkritiek
Summerschool Schrijverspodium
Summerschool Schrijverspodium
Summerschool Schrijverspodium
Review Dit is mijn vader
Meer artikels van Jan Devries:
Yankee go home!
Weer een illusie armer
Huilen met Jan met de Pet op
HARMONY KORINES JULIEN DONKEY BOY
datum 20.06.2001
auteur Jan Devries
rubriek Film + TV


Na één vertoning op De Nachten in De Singel en twee in de kleine Brusselse cinema Nova lijkt de bioscoopcarrière van julien donkey-boy, de tweede worp Harmony Korine, er al op te zitten. Dit portret van de effecten van schizofrenie op het gezinsleven is net als Korines debuut Gummo (1997) een harde noot om te kraken, visueel even afzichtelijk als intrigerend, schreeuwerig, choquerend en grappig.

De slechts zesentwintig jarige Korine werd voor het eerst bekend als scenarist van het schokkende Kids (Larry Clark, 1995), een semi-documentaire film over een groepje verwaar-loosde, amorele Newyorkse skate-boarders. In 1997 debuteerde Korine met Gummo, een ruwe, onvergetelijke film over een onooglijk Texaans dorp en zijn excentrieke en straatarme bewoners. Ook julien donkey-boy speelt zich in hetzelfde troosteloos milieu af, deze keer gezien door de ogen van een schizofrene jongeman, tot in de perfectie gespeeld door Ewen Bremner (Spud in Trainspotting).

Korine wordt, door de weinigen die zijn werk hebben kunnen zien, geprezen als de meest ongeremde regisseur van het moment, passend in een rijtje met Jean-Luc Godard, John Cassavetes, Andy Warhol en Werner Herzog (die laatste, de legendarische voorman van de Duitse Nouvelle Vague, speelt trouwens de tiranieke vader van Julien in Korines film). Korine heeft er, net als zijn beruchte voorgangers, zijn specialiteit van gemaakt om alle filmconventies uit het raam te gooien en te zoeken naar nieuwe mogelijkheden binnen het medium. Het leek dan ook een voor de hand liggende stap voor hem om zich eens te wagen aan de regels van Dogma 95. In tegenstelling tot recente Dogma-mislukkingen (zoals Lovers en The King is Alive ) lijkt Korine wél in staat om aan de hand van de tien dogma's een boeiende, vernieuwende film te maken, zonder slaafs de regels te volgen, in tegendeel, hij breekt ze zowat allemaal. Wat Korine in zijn film overhoudt van Dogma 95 is de 'spirit' achter dit Deense initiatief, de guerilla-instelling: werken met minimale middelen, improviseren, risico's nemen, met camera en acteurs de straat optrekken en nietsvermoedende omstaanders in de film betrekken. Dit levert enkele heel 'spannende' scènes op, zoals wanneer Korine met zijn camera een biechtstoel inkruipt en een pastoor zijn ding laat doen, zonder dat die laatste door heeft dat hij in een film speelt. Of Julien die door de straten dwaalt en nietsvermoedende passanten aanklampt om naar zijn betekenisloze uiteenzettingen te luisteren. Maar het allerstrafste is toch wel een scène op het einde, als Julien met zijn pas-dood-geboren zoontje op een stampvolle bus gaat zitten en de dode embryo liefkozend in zijn armen houdt terwijl de mensen om hem heen gek beginnen te worden, niet vermoedend dat het hier een film betreft. Naar het schijnt hadden verschillende passagiers achteraf psychologische begeleiding nodig. Ook klassiek is de 'scène' met de man die een heel pakje sigaretten opsteekt en daarna de hele handel, samen met vier servetten, doorslikt, zonder trucage!

Julien Donkey-boy blinkt niet alleen uit in lef, ook op andere vlakken lijkt Korine zich te profileren als een nieuwe beeldenstormer. Zo lijkt hij er soms bewust voor te zorgen dat de beeldkwaliteit zo slecht mogelijk is, door spotgoedkope, digitale camera's te gebruiken (soms 12 camera's tegelijk) en deze beelden achteraf nog eens verschillende keren te filteren, zodat ze er nog korreliger uit zien. Julien donkey-boy lijkt te zijn gefilmd door een spastisch kind, ware het niet dat de man achter de camera Anthony Dod Mantle is, de man die Dogma 95 in beelden omzette, de cameraman van The Idiots en Mifune . Ook op narratief vlak breekt Korine weer potten. Net zoals in Gummo is er bij julien donkey-boy nauwelijks sprake van een verhaal. De plot is heel erg beperkt: de schizofrene Julien woont samen met zijn relatief normale broer, zwangere zus en brutale vader in een achterbuurt van New York. Ergens halverwege komen we te weten dat Julien zijn zus heeft zwangergemaakt. Op het einde van de film krijgt ze een miskraam en Julien steelt de baby uit het ziekenhuis. That's it. Er is nauwelijks sprake van scènes in de normale betekenis, we krijgen eerder situaties voorgeschoteld: 'Julien op straat', 'Julien op een feestje voor mentaal gehandicapten', 'Julien en zus Pearl op de schaatsbaan'. Het scenario voor de film heeft naar het schijnt meer weg van een lang gedicht dan van een traditioneel filmscript.

Dat dit alles geen gemakkelijk verteerbare cinema oplevert spreekt voor zich. En daar ligt het ambigue punt bij Korines films. Het is altijd al zeer moeilijk geweest om echt vernieuwende kunst te onderscheiden van pretentieuze rommel. Niet alles wat afwijkt van de norm is per definitie vernieuwend, net zoals een film niet per definitie Cult wordt omdat er een paar excentrieke figuren worden opgevoerd.

Voorlopig geef ik Harmony Korine het voordeel van de twijfel. Hij lijkt tot die heel kleine club te behoren van gezonde gekken die buiten alles hun eigen visie nastreven, ten koste van financiële zekerheid en de eigen gezondheid. De straffe verhalen rond de zelf lichtjes schizofrene Korine stapellen zich ondertussen op. Zo is hij al een tijdje bezig met zijn nieuwste project, 'Cinema of Cruelty', waarbij hij zelf met een camera de straat op trekt om willekeurige mensen zodanig lastig te vallen dat ze hem genadeloos in elkaar slaan. Bij een recente poging leverde dit Korine een blauw oog, enkele gekneusde ribben en een nacht in de gevangenis op. Cinema of Cruelty bewijst nogmaals dat het Korine te doen is om het risico van het filmen terug op te zoeken, weg van de geborgen veiligheid van de studio of de tot in de puntjes voorbereide opname. Net als zijn idool Werner Herzog hoopt hij door middel van risicogedrag en toeval tot iets hogers te komen van een hapklare brok film voor alle leeftijden.

De vraag of Harmony Korine nu echt de grote vernieuwer is die sommigen in hem zien, laat ik voorlopig nog even onbeantwoord. Dat zijn werk de moeite waard is om te blijven volgen spreekt wat mij betreft voor zich, maar daarvoor zal zeker veel meer durf en goodwill nodig zijn van de distributeurs en bioscoopuitbaters.

Julien Donkey-boy verschijnt binnenkort op DVD en video.

Meer info over de film valt terug te vinden op www.juliendonkeyboy.com (als de site nog werkt tenminste) of op www.indiepics.com.

Reageer
Voornaam
Naam
Email
Reactie