Meest recente artikels:
Summerschool Kunstkritiek
Summerschool Schrijverspodium
Summerschool Schrijverspodium
Summerschool Schrijverspodium
Review Dit is mijn vader
Meer artikels van Nele Buys:
Het succes van de emotionele iconografie
Crowdsourcing & kunst
PUBLIEKSPARTICIPATIE OP AUTOMATISCHE PILOOT
datum 11.09.2007
auteur Nele Buys
Op dit ogenblik loopt in het MU te Eindhoven een tentoonstelling van Miranda July. Maar eigenlijk is het geen werk van July. Of toch weer wel... Learning to Love You More is een project van July en Harell Fletcher, maar ook van 9 jonge curatoren en bovendien van een heleboel mensen als u en ik. Een betere kijk op wat participatie- of gemeenschapskunst heet, en wat het vandaag de dag kan betekenen.
Crowdsourcing. Het was Jeff Howe die het woord voor het eerst gebruikte in een artikel in het tijdschrift Wired, juni 2006. Hij omschreef daarmee het fenomeen dat spontaan onstane (vaak digitale) gemeenschappen voor informatieuitwisseling opgekocht en geëxploiteerd worden door professionele spelers. Bijvoorbeeld het verhaal van IStockphoto: net als het misschien bij ons meer gekende Flickr, is IStockphoto een databank waar iedereen die dat wil foto’s op kan posten en uitwisselen. Al dan niet tegen betaling, maar zo ja dan alleszins tegen belachelijk lage tarieven; bedragen waar de professionele sector niet tegenop kan. Die gemeenschappen ontstaan in de regel niet persé als broodwinning, maar ze kunnen het wel worden. Sommige worden zo groot dat ze uiteindelijk door de professionele industrie worden opgekocht. Zo werd Istockphoto gekocht door Getty Images. Want als iemand je business kanibaliseert, dan kan het maar beter een van van je eigen businesses zijn. Aldus de CEO van Getty.

De feiten spreken voor zich. Er is zoiets ontstaan als het internet, en we hebben er mee leren werken. Daarna is er iets ontstaan als open source software, en we leren ook daar steeds beter mee te werken. Er is zoiets als het gemeenschapsdier dat mens heet, en dat mag op het internet wel duidelijk zijn. En als iedereen de middelen heeft om te doen wat de professionals doen, dan kan je als professional ook kiezen om dan maar munt te slaan uit het kanaliseren van wat de gemeenschap gewoon op eigen houtje te bieden heeft.

Ook kunstenaars zijn niet ongevoelig gebleven voor die evolutie. Er duiken steeds meer “gemeenschapskunstenaars” op: ze ontwikkelen een project dat bestaat bij gratie van de participanten. En die participanten zijn u en ik. Jan met de pet. Mien met de mandolien. Oh boy, hoor ik u al denken. Het buurthuis organiseert een wijkproject. Maar het wordt stilletjes aan tijd dat we daar voorbij kunnen kijken. Want als we piekerend zoeken naar kunst die zorgt voor participatie, moeten we dat dan niet overlaten aan kunst die juist daarvoor is gemaakt?

Een voorbeeld van een boeiend project op het gebied van crowdsourcende kunst is Learning To Love You More (LTLYM), van de hand van Miranda July en Harell Fletcher. LTLYM is tegelijkertijd een website en een serie presentaties van het project. Op www.learningtoloveyoumore.com staan doe-het-zelf opdrachten die door iedereen kunnen worden uitgevoerd. Het concept is vrij eenvoudig: je kiest iets, je doet het, je stuurt het in, en het wordt voor iedereen toegankelijk gemaakt. Bijvoorbeeld: “#1 maak een kinderoutfit in een volwassen maat”, “#32 teken een scèné uit een film waarom je moest huilen, of “#58: neem het geluid op dat je ’s nachts wakker houdt”. Nu, wie is nog niet een keer uit zijn slaap gehouden... Door een auto misschien, door een ruzie bij de buren, een wasmachine die persé op dat moment moet draaien, of het gesnurk van de ander in bed. Iedereen kent het, maar door het op te nemen en het te delen gebeurt er iets geks: het is niet meer zomaar een gegeven dat je stoort, je gaat er iets mee doen. Het kan grappig worden of vervelend blijven, maar in ieder geval ga je het plots anders beleven want je giet het in een andere vorm. Je legt het vast om het te delen. Dat stukje van je leven maak je dus ineens heel concreet. En vooral: dat maakt jou heel concreet. Een stukje even wordt een beetje meer eeuwig.

De basis van LTLYM werd gelegd in 2002. Sindsdien is het naast de website een steeds groeiend traject van presentaties, screenings en radio-uitzendingen waaraan reeds meer dan 2000 mensen hebben geparticipeerd. July (die vooral gekend is omwille van haar langspeelfilm Me and You and Everyone We Know van 2004) en Fletcher hebben elk een eigen insteek; July is bovenal performancekunstenares en Fletcher is vooral gedreven door sociaal engagement, maar beiden hebben ze in dit verhaal iets doen ontstaan dat die elementen overstijgt.

Natuurlijk kan je LTLYM zien als niet meer dan een archief. Een hoogst particuliere verzameling van reports, inmiddels meer dan 5000. Wat is het verschil met al die andere sites, met pakweg myspace of youtube? Eenvoudigweg gezegd: op LTLYM kan je niet rondlummelen. Je moet op z’n minst iets doen. Het project stuurt ons; July en Fletcher gaan heel bewust met ons aan de slag. Ze gebruiken onze interesse voor het vormen van een digitale gemeenschap als medium. Ze tonen die gemeenschap, maar ze tonen ook: hoe graag we dat doen en hoe handig we daarin wel zijn geworden. Kwetsbaar, ontroerend, gevat of hilarisch, we leggen het vast voor nu of voor later op een manier dat een fotoalbum dat nooit zal kunnen doen.

Een andere, intrigerende gemeenschapskunstenares is de Nederlandse Jeanne Van Heeswijk. Op www.jeanneworks.net vind je tal van uiteenlopende projecten. Prachtig is bijvoorbeeld “Een dag uit het leven van een provinciale weg”. Het is een project dat loopt op initiatief van de provincie Zuid-Holland, in het kader van de komst van een nieuwe weg, de N470, die Delft, Zoetermeer en Rotterdam met elkaar gaat verbinden. Het project van Van Heeswijk onderzoekt naar de verandering in gebiedsbeleving als gevolg daarvan. Tegenover die nieuwe weg wordt de mentale weg van weggebruikers geplaatst. Er wordt met 120 actieve weggebruikers die vroeger de oude wegen gebruikten maar in de toekomst over de N470 zullen rijden een roadmovie geproduceerd. Allemaal aparte mini roadmovies als het ware, die de mentale routes van de weggebruikers bijeen brengt in een film van 12 uur.

Het project nodigt mensen uit, en wat Jeanne in beeld brengt is de verschuiving van de beleving van het landschap. Wanneer de route verandert, nemen die weggebruikers hun herinneringen aan de oude weg mee naar de nieuwe weg? Waar gaan hun gedachten naartoe? Zo maakt Van Heeswijk die verschuiving zichtbaar, en creëert ze een authentiek beeld van wat in een gemeenschap werkelijk leeft. Uiteraard is dit iets met een sterk documentalistische inslag, maar toch overstijgt het die format. Het resultaat is geen reportage, maar een betekenisveld dat onstaat ergens op het snijvlak tussen de kunstenaar, de participanten en een reëel maatschappelijk gebeuren.

In zeker zin is digitale crowdsourcende gemeenschapskunst gewoon een vorm van interactieve kunst, maar dan zonder ingewikkelde techniek. Er komt wel iets bij kijken maar laat ons eerlijk zijn: onderhand kunnen we allemaal wel een beetje knutselen op het net. Waar eindigt echter de hobbyclub en waar begint de kunst... Het hangt af wat je van kunst verwacht natuurlijk. In de beste van dit soort projecten vind je alleszins gewoonweg mooie dingen. Ontroerende dingen. Sociaal geeëngageerde dingen. Met een beetje geluk alles van dat te samen en meer.

Eén ding is zeker: het is een geweldige manier om creatieve participatie aan het gemeenschapsleven te stimuleren. Het is daarvoor gemaakt, het heeft die intentie, het bestaat daardoor, en het is een manier om iets concreets te realiseren. Het gebeurt niet omdat het moet gebeuren; het legt vast wat op zich al gebeurt. Het bewijst dat kunst wel degelijk kan zorgen voor gemeenschapsvorming zonder kneuterig te zijn, zonder cijfertargets, en zonder dat de kunstenaar een wereldverbeteraar moet zijn. Het is wat het is, het werkt heel eenvoudig, en het doet je toch wel iets. Het is de overtuiging van deze kunstenaars dat kunst je tot iets moet aanzetten, of zoals Miranda July het stelt: “The best art and writing is almost like an assignment; it is so vibrant that you feel compelled to make something in response.” Als u dat wil, kan het ook iets met u doen, maar het punt is dat het niet hoeft: het is een kwestie van zelf kiezen.

copyright Miranda July & Harell Fletcher

Na eerdere LTLYM-presentaties tijdens de New Yorkse Whitney Biennial, in het Seattle Art Museum en het Wattis Insititute in San Francisco, is de eerste Europese expositie van Learning To Love You more deze zomer te zien in het MU te Eindhoven (24/08 tot 30/09). De samenstelling van dit project is als een opdracht gegeven aan negen jonge curatoren van het California College of the Arts (CCA) uit San Francisco. In samenwerking met beide kunstenaars, een groot aantal van de 2000 reporters en het MU maken zij de meest omvangrijke presentatie van de resultaten tot nu toe. Een expositie die nagenoeg parallel loopt met het verschijnen van het eerste LTLYM-boek dat dit najaar verschijnt bij de uitgeverij Prestel. Verder worden er in het MU ook allerlei nevenactiviteiten georganiseerd.

Een dag uit het leven van een provinciale weg” loopt zolang de werken aan de N470 duren. De mentale weg wordt tegelijkertijd met de echte opgeleverd. Tot die tijd is de website www.eenbekendeweg.nl permanent under construction.

www.mu.nl
www.jeanneworks.net
www.eenbekendeweg.nl
www.n470.nl/echtzien
www.harrellfletcher.com
www.mirandajuly.com
www.learningtoloveyoumore.com

copyright Miranda July & Harell Fletcher
Reageer
Voornaam
Naam
Email
Reactie