Vooral de culturele iconen van onze consumptiemaatschappij moeten het ontgelden. Pinocchio en andere Disney-figuren duiken op in zijn filmpjes, als McCarthy een Belg was zouden zeker de kabouters van Plopsaland of de kindermeisjes van K3 figureren. Een mooi voorbeeld is ook de kerstman. Die is er momenteel quasi het hele jaar door om jong en oud tot consumptie te verleiden. De stap naar de geperverteerde kerstman in McCarthy's video's is niet eens zo groot.
Toen ik in Denemarken een filmpje zag waarin de kunst zelf geviseerd werd ben ik voor het eerst blijven kijken. Het was niet de meest propere manier van revolte, maar ze werd wel met veel humor gebracht. In de video was hij op een zeer obscene manier een schilderij aan het maken, met een veel te grote kwast smeerde hij er maar op los, regelmatig ging hij bovenop het schilderij liggen enzovoort.
Zelf is McCarthy pas heel laat door de musea opgepikt. Hoewel hij al bezig was sinds 1960 werd zijn werk pas vanaf 1990 aangekocht. Dat is het moment waarop hij video's begon te maken van zijn performances. Of veel van zijn werk op de kunstmarkt terecht komt weet ik niet, er zijn wel voorbereidende tekeningen en stills te krijgen uit de video's, maar het zou mij verwonderen dat die bij de gemiddelde kunstverzamelaar in de smaak vallen. En nu zijn er dus ook de opblaassculpturen. Het ideaal van de performance als kunst zonder kunstwerk heeft ook McCarthy dus niet kunnen volhouden.

Kunnen we de kunstenaar zijn aanklacht dan wel als gelukt beschouwen? Is McCarthy m.a.w. nog subversief? Een mooie uitleg daarover krijgen we van Mark Holthof op Urbanmag. (Holthof heeft McCarthy ook in levende lijve geïnterviewd voor Kunsthart.) De theorie die hij aanhaalt zegt dat het academisch systeem om kunst te evalueren, waartegen zich ooit nogal wat kunstenaars hebben verzet, gewoon vervangen is door een commercieel evaluatiesysteem. Weinig kunstenaars protesteren daartegen en wie het wel doet, belandt onvermijdelijk in de marge.
McCarthy's werk mag dan commercieel misschien wel ondergewaardeerd zijn, als je zijn opblaassculpturen ziet in de gezapige beeldentuin van het Middelheim moet je erkennen dat het er allemaal wél erg mooi uitziet. Wat mij betreft zit er toch een esthetische en dus verkoopbare kant aan zijn subversie. Complex shit, een tot 16 meter hoog uitvergrote stront, heeft een mooie abstracte vorm. De gigantische dildo is een lekker symmetrische sculptuur en ook de roze varkentjes zijn aangenaam om naar te kijken.
Bestaande dingen opblazen (hoe ironisch dat ook mag zijn in dit geval) is natuurlijk al een oude esthetische truc, denken we maar aan het werk van Claes Oldenburg. De readymade trouwens ook. Het verhaaltje erbij heeft wel nog iets stout, de kunstenaar verkoopt namelijk letterlijk lucht. Bovendien is het werk beperkt in de tijd en dus commercieel oninteressant (hoewel, je zou de sculpturen ook kunnen verhuren). Het tijdelijke gaat hier de strijd aan met het eeuwige brons dat je overal in het Middelheim aantreft.
Nu we het toch over opblazen hebben. Vergeet niet om ook naar de Dynamite show van Koen Theys te gaan kijken op dezelfde locatie. De video is een prachtig gemonteerd ballet van explosies. Theys kocht 250 opnamen van ontploffingen in Hollywood om de film te kunnen maken. Wie maakt nu een dergelijk werk in een tijd dat de ene na de andere zelfmoordterrorist zich opblaast in Irak? Over subversie gesproken!

Air Born van Paul McCarthy is nog tot 28 oktober 2007 te bezichtigen in het Middelheimpark






